Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Nationaal Kompas Volksgezondheid
Ziekenhuiszorg en medisch-specialistische zorg
Terreinbeschrijving en organisatie

Hoe is ziekenhuiszorg en medisch-specialistische zorg georganiseerd?

Geregistreerde en werkzame beroepen in de ziekenhuiszorg Ontwikkelingen ziekenhuiszorg Belangengroepen

Meerdere afdelingen in een ziekenhuis

In het ziekenhuis wordt zorg geleverd op het gebied van diagnose, therapie, verpleging of isolatie van een patiënt (Boot & Knapen, 2005). Om deze zorg te kunnen leveren zijn verschillende afdelingen in het ziekenhuis ingericht: de polikliniek, de spoedeisende hulp, de dagverpleging of dagbehandeling en de kliniek of opname.

Opname via polikliniek en spoedeisende hulpafdeling

Patiënten komen over het algemeen het ziekenhuis binnen via de polikliniek of de afdeling spoedeisende hulp (SEH). De patiënt is dan meestal door de huisarts of door een ander ziekenhuis verwezen. Een patiënt kan vanuit de polikliniek of de SEH voor een klinische opname op een verpleegafdeling in het ziekenhuis worden opgenomen wanneer behandeling of uitgebreide diagnostiek voor de aandoening(en) noodzakelijk is.

Polikliniek

De polikliniek is primair gericht op onderzoek en ambulante behandeling van aandoeningen waarvoor de huisarts in de thuissituatie de specialistische kennis en hulpmiddelen tekortkomt (bijvoorbeeld oogheelkunde, chirurgie). Wanneer een patiënt in het ziekenhuis behandeld is, komt deze voor nacontrole terug op de polikliniek (Boot & Knapen, 2005).

Spoedeisende hulp (SEH)

De afdeling spoedeisende hulp, voorheen ook wel de eerstehulpafdeling genoemd, is primair gericht op bewaking van de vitale functies van het lichaam en het stabiliseren van de conditie van de patiënt die het ziekenhuis is binnengekomen. Voor een eventuele verdere behandeling kan de kliniek ingeschakeld worden (Boot, 2007).

Dagverpleging/dagbehandeling

De dagbehandeling in het ziekenhuis is een afdeling waar patiënten opgenomen worden voor van tevoren ingeplande behandelingen, die binnen één dag kunnen worden afgerond. Voorheen was deze afdeling vooral gericht op de verpleegkundige nazorg (bijvoorbeeld na een operatie), controle en begeleiding, maar steeds meer is deze vorm van zorg overgegaan in een dagbehandeling. Bij de dagbehandeling ligt de nadruk meer op de (para)medische zorg in plaats van op het verplegen (Boot, 2007).

Kliniek/opname

Als een patiënt wordt opgenomen in het ziekenhuis, terwijl er geen sprake is van een geplande dagbehandeling, dan gaat het om een klinische opname. Klinische opnamen duren in het algemeen langer dan één dag.

Zie voor aantallen polikliniekbezoeken, dag- en klinische opnamen: Interne link naar documentHoe groot is het gebruik en neemt het toe of af?


Geregistreerde en werkzame beroepen in de ziekenhuiszorg

Aantal specialisten neemt toe

In 2006 waren 12.432 medisch specialisten werkzaam in algemene ziekenhuizen, categorale en universitair medische centra. Dit is een toename ten opzichte van voorgaande jaren. In 1997 en 2005 waren respectievelijk 10.700 en 11.997 personen als specialist werkzaam. In 2006 waren 17.841 personen geregistreerd als medisch specialist (AZW).

Zie ook atlasMedisch specialisten per ziekenhuis in 2007

Ruim 82.000 verpleegkundigen en verzorgenden in ziekenhuizen

Ruim 82.000 personen waren in 2005 werkzaam in de verplegende en verzorgende beroepen in de ziekenhuiszorg (AZW). Het overgrote deel hiervan werkt in algemene ziekenhuizen 62.898 (76,6%). Een veel kleiner deel, namelijk 15.252 (18,6%) werkte in 2005 als verpleegkundige of verzorgende in een universitair medisch centrum. De rest is werkzaam in categorale instellingen. Tussen 1997 en 2005 is het aantal werkzame verpleegkundigen en verzorgenden in ziekenhuizen met bijna 10.000 personen toegenomen. In 2006 waren 241.947 personen geregistreerd in de verplegende en verzorgende beroepen (AZW). Hoeveel hiervan potentieel beschikbaar zijn voor de ziekenhuiszorg of hierin werkzaam zijn geweest, is niet bekend.

Ander personeel

In ziekenhuizen is ook ander personeel werkzaam, namelijk de zogenaamde paramedische beroepen, zoals fysiotherapeuten, logopedisten en ergotherapeuten, maar ook diëtisten, verloskundigen, ondersteunend personeel en anderen.

Naar boven


Ontwikkelingen ziekenhuiszorg

Steeds meer interesse voor ketenzorg en preventie in de zorg

De laatste jaren is veel aandacht gekomen voor de ketenzorg in en buiten de ziekenhuizen. Ketenzorg staat voor de opeenvolging van verschillende soorten zorg, die diverse zorgaanbieders patiënten bieden en waarbij de zorgaanbieders gezamenlijk zorgen voor een vloeiend verloop. Het vormt de samenwerking van diverse zorgvoorzieningen, die de schakels vormen in het zorgproces (Boot, 2007). Een andere omschrijving van ketenzorg kan het inhoudelijk en organisatorisch afstemmen van zorg zijn voor specifieke aandoeningen en doelgroepen tussen verschillende beroepsbeoefenaren en instellingen (Boot, 2007).

Preventie in de (ziekenhuis)zorg is tevens een onderwerp dat aandacht krijgt in het huidige beleid en bedrijfsvoering binnen ziekenhuizen. Zie voor meer informatie Wat is de aard en omvang van preventie in de ziekenhuiszorg?

Veel aandacht voor kwaliteit

Er is veel aandacht voor kwaliteit(sverbetering), effectiviteit, (patiënt)veiligheid en innovatie in de curatieve zorg. Eén van de voorbeelden van kwaliteitsverbetering is het programma Sneller Beter. Dit programma is eind 2003 gestart met als doel een verbetering van transparantie, doelmatigheid en kwaliteit in de curatieve zorg te stimuleren. Door invoering van drie pijlers willen ziekenhuizen hun zorg structureel verbeteren en de transparantie van de zorg vergroten (zie ook website Snellerbeter). Daarnaast is sinds 1 januari 2008 het Veiligheidsprogramma 'Voorkom schade, werk veilig' gestart. Pijlers van dit programma zijn het reduceren van vermijdbare onbedoelde schade en het invoeren van het veiligheidsmanagementsysteem (VMS). Zie ook Wat is de aard en omvang van preventie in de ziekenhuiszorg?

Innovaties in de zorg kunnen bijdragen aan afname in ziekte, pijn en handicaps en kunnen dus veel gezondheidswinst opleveren (OECD, 2005a). Daarnaast kunnen wachttijden worden verkort en kan de efficiëntie worden vergroot door processen beter te organiseren. Er zijn meerdere projecten in de ziekenhuiszorg gaande die juist op de innovatie in de curatieve zorg gericht zijn (Westert et al., 2008). Zie ook Zorgbalans: Hoe innovatief is de gezondheidszorg?.

De IGZ geeft jaarlijks cijfers uit over de kwaliteit van de Nederlandse ziekenhuizen in de vorm van een beperkte set prestatie-indicatoren. Over 2003 tot en met 2006 heeft de IGZ hierover gerapporteerd in de rapportenreeks 'Het resultaat telt' (IGZ, 2007).

Diagnose Behandel Combinatie (DBC)

De zorg in ziekenhuizen wordt sinds 2005 gedeclareerd aan de hand van diagnosebehandelcombinaties (dbc). Aan concrete activiteiten en verrichtingen kunnen kosten worden toegerekend door middel van prijsafspraken in het DBC-systeem. In de meeste gevallen heeft Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) de prijs van een DBC vastgesteld, in samenwerking met de zorgverzekeraars en het ministerie van VWS. Voor een deel van de dbc's kunnen verzekeraars en zorgverleners onderhandelen over de prijs (VWS, 2006).

Met ingang van 1 januari 2008 zijn voor 80% van de ziekenhuiszorg de tarieven landelijk vastgesteld. In elk ziekenhuis in Nederland zijn de kosten voor diagnose of behandeling uit dit deel dus even hoog. Deze groep DBC’s wordt het A-segment genoemd. Voor circa 20% van de ziekenhuiszorg geldt dat zorgverzekeraars en ziekenhuizen met elkaar kunnen onderhandelen over de prijs en de kwaliteit, en is dus sprake van vrije prijsvorming. Deze groep ‘onderhandelbare DBC’s’ wordt het B-segment genoemd (VWS, 2006). De NZa evalueert jaarlijks de ontwikkelingen in het B-segment met betrekking tot onder andere de publieke belangen toegankelijkheid, kwaliteit en betaalbaarheid (NZa, 2008, NZa, 2007). Op grond van de meest recente adviezen zal het B-segment in 2009 tot maximaal 34% worden uitgebreid (Klink, 2008).

In 2006 kosten B-segment met 12% toegenomen

In 2006 zijn de kosten in het B-segment met 12% toegenomen. Het grootste deel (10%) is toe te schrijven aan een toename van het aantal behandelingen (De Boo & Kuenen, 2008). Het is nog niet duidelijk waarom het aantal behandelingen is gestegen. De sterkste toename van de kosten in het B-segment ligt bij orthopedische behandelingen als knieslijtage en heupslijtage, en oogheelkundige behandelingen rond staar (De Boo & Kuenen, 2008). In 2007 vlakt de toename van het aantal behandelingen in het B-segment af (NZa, 2008). Verder verschillen de prijzen van dbc's in het B-segment aanzienlijk. In zelfstandige behandelcentra (ZBC's) liggen de prijzen lager dan in de overige ziekenhuizen en er zijn regionale verschillen (NZa, 2007). In 2006 zijn de prijzen in het B-segment minder hard gegroeid dan in het A-segment. In 2007 was het omgekeerde het geval (NZa, 2008).

Zie ook:

Naar boven


Belangengroepen

NVZ en NFU belangrijke brancheorganisaties

De grootste brancheorganisatie voor ziekenhuisinstellingen is de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ). Deze brancheorganisatie zet zich in voor de zorginhoudelijke, sociale en economische belangen van haar leden en streeft ernaar om kaders te scheppen waardoor ziekenhuisinstellingen kunnen inspelen op de vraag naar zorg en veranderingen daarin. Tot de leden behoren alle algemene ziekenhuizen, maar ook categorale instellingen en zogenaamde buitengewone leden, zoals ziekenhuizen in Suriname, ziekenhuizen op de Nederlandse Antillen en Aruba. In totaal zijn ongeveer 170 instellingen aangesloten bij de NVZ (NVZ, 2005).

Voor de universitair medische centra (UMC's) treedt de Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra (NFU) op als belangenbehartiger. De NFU ontwikkelt gemeenschappelijke beleidsvisies en standpunten op alle terreinen die de UMC's aangaan (NFU, 2005).

Stichting voor verzameling van ziekenhuisgegevens

De NVZ en NFU trekken gezamenlijk op op het gebied van gegevensverzameling. In 2008 hebben zij de stichting Dutch Hospital Data (DHD) opgericht. Deze stichting gaat de landelijke verzamelingen van ziekenhuisgegevens beheren en onderhouden (www.dutchhospitaldata.nl).

Naar boven

.

Bronnen en Literatuur

Literatuur

  • AZW, Arbeidsmarktinformatie Zorg en Welzijn. http: //www.azwinfo.nl. Utrecht: AZW.
  • Boo A de, Kuenen JW.Liberalisatie en groei. Eerste indicatie van kostengroei in de ziekenhuiszorg binnen het geliberaliseerde B-segment. Zeist/Amsterdam: Vektis/The Boston Consulting Group, 2008.
  • Boot JM, Knapen MHJM.De Nederlandse gezondheidszorg. Houten: Bohn Stafleu van Loghum, 2005.
  • Boot JMD.Organisatie van de gezondheidszorg. Assen: Van Gorcum BV, 2007.
  • IGZ, Inspectie voor de Gezondheidszorg.Het resultaat telt 2006. Prestatie-indicatoren als onafhankelijke graadmeter voor de kwaliteit van in ziekenhuizen verleende zorg. Den Haag: IGZ, 2007.
  • Klink A.NZa monitor 2008 en uitbreiding B-segment. Brief van de minister van VWS aan de Tweede Kamer dd 18 juli 2008. Den Haag, 2008.
  • NFU, Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra.NFU. http: //www.nfu.nl/(geraadpleegd 18 augustus 2005). NFU, 2005.
  • NVZ, Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen.http: //www.nvz-ziekenhuizen.nl - NVZ, (geraadpleegd 18 augustus 2005). Utrecht: NVZ, 2005.
  • NZa, Nederlandse Zorgautoriteit.Ziekenhuiszorg 2007. Een analyse van de marktontwikkelingen in het B-segment 2007. Utrecht: NZa, 2007.
  • NZa, Nederlandse Zorgautoriteit.Ziekenhuiszorg 2008. Een analyse van de marktontwikkelingen in het B-segment 2008. Utrecht: NZa, 2008.
  • OECD, Organisation for Economic Co-operation and Development.Health data 2005. Databewerking RIVM. Paris: OECD, 2005a.
  • VWS, Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.Ministerie van VWS, dossier DBC. Den Haag: VWS, 2006.
  • Westert GP, Berg MJ van den, Koolman X, Verkleij H. Zorgbalans 2008: de prestaties van de Nederlandse gezondheidszorg. RIVM-rapport nr. 260602003. Bilthoven/Houten: RIVM/Bohn Stafleu Van Loghum,2008.

Begrippen en afkortingen

Afkortingen

dbc
Diagnosebehandelingcombinatie
Een vooraf gedefinieerd gemiddeld zorgproduct dat de zorgverlener selecteert op basis van de zorgvraag van de patiënt. Bevat informatie over de zorgvraag, de diagnose en de benodigde behandeling. De dbc benoemt elke activiteit in de behandeling van de patiënt, van het eerste contact tot en met de laatste controle (bron: www.dbconderhoud.nl).
IGZ
Inspectie voor de Gezondheidszorg
URL: http://www.igz.nl
NVZ
Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen
URL: http://www.nvz-ziekenhuizen.nl/
VWS
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
URL: www.rijksoverheid.nl/ministeries/vws

Definities

Ambulante zorg
Alle zorg die patiënten krijgen zonder dat ze opgenomen zijn. Synoniem met extramuraal. Tegenover ambulant staat klinisch of intramuraal: de patiënt is dan wel opgenomen.
Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 4.7, 22 maart 2012
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.