Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Nationaal Kompas Volksgezondheid
Acute zorg
Vraag en gebruik

Wie maken vooral gebruik van acute zorg?

Hierna wordt inzicht gegeven in het zorggebruik van de vier basisdiensten in de acute zorg op grond van de gegevens die momenteel beschikbaar zijn. De vier basisdiensten betreffen huisartsenposten, afdelingen spoedeisende hulp, ambulancezorg en mobiele medische teams. Gebruik van acute zorg verleend door andere typen zorgaanbieders, zoals verloskundigen, GGZ-instellingen (crisisdienst), thuiszorgorganisaties en tandartspraktijken, laten we vooralsnog buiten beschouwing.


Op HAP meer vrouwen, op SEH en in ambulance meer mannen

De patiënten van de huisartsenposten (HAP) zijn vaker vrouwen dan mannen, terwijl op de afdeling Spoedeisende hulp vaker mannen dan vrouwen worden behandeld (zie tabel 1). De ambulance wordt ook vaker voor mannen ingezet dan voor vrouwen. Deze gegevens zijn afkomstig uit de ‘meetweken spoedzorg’ (zie ook Bronbeschrijving meetweken spoedzorg).

Op HAP relatief veel kinderen, in ambulance vaker ouderen

Per zorgaanbieder is er een tamelijk groot verschil in de leeftijdsopbouw van de patiëntenpopulatie. De patiënten die contact hebben met de huisartsenpost zijn relatief vaak kinderen en jongeren. Op de afdeling SEH is er een gelijke verdeling van de patiënten over de leeftijdsklassen. Ambulances worden vaker ingezet voor ouderen.

Tabel 1: Geslacht en leeftijd van de patiënten die een beroep doen op de basisdiensten acute zorga, en het tijdstip waarop deze zorg wordt gevraagd; gegevens gebaseerd op 1 maand meten gedurende de ‘meetweek 2009’ (Lever et al., 2009; Van Veenendaal et al., 2009b; Van Veenendaal et al., 2009a; Van Veenendaal et al., 2009c; Bos et al., 2009b).

Basisdienst

HAP

SEH

Ambulancezorg (A1-, A2- en B-inzetten)

Spoedeisende ambulancezorg (alleen A1- en A2-inzetten)

Regio

5 regio's

5 regio's

5 regio's

prov. Utrecht

Totaal aantal contacten in de onderzoeken

87.519

44.082

16.871

3.385

Geslacht

%

%

%

%

man

45,5

53,4

51,8

51,8

vrouw

54,5

46,6

48,2

48,2

Leeftijd

%

%

%

%

0-14

28,7

19

5

6,7

15-24

11,1

14,2

6,6

10,2

25-44

22,6

21,2

13,1

19,7

45-64

18,2

21,9

24,9

25,4

65+

19,4

23,6

50,4

38

a Voor de ambulancezorg is spoedvervoer (A1- en A2-inzetten) alleen voor de Utrechtse regio gepubliceerd. De andere regio’s presenteerden deze samen met de gegevens van het besteld vervoer (B-inzetten).

.

Bronnen en Literatuur

Literatuur

  • Bos N, Lever TM, Stel HF, Schrijvers AJP.Het gebruik van spoedzorg; Regio Utrecht 2009. Utrecht: UMC Utrecht, Julius Centrum voor Gezondheidswetenschappen en Eerstelijns Geneeskunde, 2009b.
  • Lever TM, van Veenendaal LJ, van Stel HF, Schrijvers AJP.Het gebruik van spoedzorg in de regio Gooi en Vechtstreek 2009. Utrecht: UMC Utrecht, Julius Centrum voor Gezondheidswetenschappen en Eerstelijns Geneeskunde 2009.
  • Van Veenendaal LJ, de Jongh MAC, van Stel HF, Schrijvers AJP.Het gebruik van spoedzorg; In de regio Brabant 2009. Utrecht: UMC Utrecht, Julius Centrum voor Gezondheidswetenschappen en Eerstelijns Geneeskunde en Traumacentrum Brabant. 2009a.
  • Veenendaal LJ van, Lever TM, Stel HF van, Schrijvers AJP.Het gebruik van spoedzorg in de regio Rijnmond 2009. Utrecht: UMC Utrecht, Julius Centrum voor Gezondheidswetenschappen en Eerstelijns Geneeskunde, 2009b.
  • Veenendaal LJ van, Lever TM, Stel HF van, Schrijvers AJP.Het gebruik van spoedzorg in de regio Harderwijk 2009. Utrecht: UMC Utrecht, Juliuscentrum voor Gezondheidswetenschappen en eerstelijns Geneeskunde, 2009c.

Begrippen en afkortingen

Definities

A1-inzet
Spoedeisende rit in opdracht van de centralist van de MKA in geval van acute bedreiging van de vitale functies van de patiënt en in het geval dat dit gevaar pas na beoordeling door de ambulancebemanning ter plaatse kan worden uitgesloten.
A2-inzet
Rit in opdracht van de centralist van de MKA naar aanleiding van een zorgvraag waaruit blijkt dat geen sprake is van direct levensgevaar, maar waarbij de ambulance wel zo snel mogelijk ter plaatse dient te zijn.
B-inzet
Rit in opdracht van de centralist van de MKA naar aanleiding van een zorgvraag zonder A1- of A2-urgentie, waarbij een tijdstip is afgesproken voor het halen of brengen.
Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 4.7, 22 maart 2012
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.