U bevindt zich op:Nationaal Kompas Volksgezondheid›Zorg›Publieke gezondheidszorg›Infectieziektebestrijding›Infectieziektebestrijding samengevat
Infectieziektebestrijding in de publieke gezondheidszorg richt zich op de bestrijding van infectieziekten zoals kinkhoest, legionellose, hepatitis A, B en C, voedselinfecties en griep. Infectieziektebestrijding heeft tot doel het optreden van infectieziekten zoveel mogelijk te voorkómen, toch opgetreden infectieziekten te signaleren en verspreiding van deze infectieziekten te bestrijden.
Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de infectieziektebestrijding in hun regio. Alleen in situaties bij bijvoorbeeld een uitbraak van een ernstige infectieziekte die de samenleving kan ontwrichten, is centrale sturing noodzakelijk om goed in te kunnen grijpen. In dat geval krijgt de minister van VWS de regie over de bestrijding. Bij het uitvoeren van de taken op het gebied van infectieziektebestrijding is een groot aantal instanties en organisaties betrokken, zoals GGD'en, Centrum voor Infectieziektebestrijding (CIb), diverse stichtingen, verenigingen en beroepsgroepen en de Gemeentelijke Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR).
Infectieziekten worden ingedeeld in de groepen A, B1, B2 en C naar gelang de ernst van de ziekte en het soort bestrijdingsmaatregelen die hierbij wettelijk genomen mogen worden. Als er sprake is van een infectieziekte of ziektebeeld die onmiddellijk optreden vereist, zal de GGD in actie komen. De GGD zal de betreffende patiënt zonodig overnemen van de behandelend arts, ter observatie. In geval van nood kan de burgemeester worden geadviseerd om een maatregel tot isolatie op te leggen. Sinds het najaar van 2008 is het niet alleen verplicht om bekende ziekten te melden. Ook situaties waarin een ongewoon aantal patiënten met een infectieziekte, die niet in de wet vermeld staat, moeten worden gemeld.
Gemeenten waar de ‘plaatsen van binnenkomst’ (grote havens en luchthavens) zijn gelegen, dienen meer voorbereidingen te treffen om infectieziekten aan boord van schepen en luchthavens snel te traceren, en zo mogeljik te bestrijden. In de Wet publieke gezondheid is daarom een apart hoofdstuk opgenomen met extra bevoegdheden voor de burgemeesters van deze gemeenten. Om deze bevoegdheden te kunnen uitoefenen, zal op de betreffende (lucht)havens een noodplan aanwezig moeten zijn over hoe te handelen in geval van een uitbraak van infectieziekten.