Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Nationaal Kompas Volksgezondheid
Preventie van vergiftigingen
Doel, organisatie en aanbod

Vergiftigingen: Wat is het aanbod en wie doet wat?

Wet- en regelgeving Voorlichting

Preventie van vergiftigingen bestaat uit wet- en regelgeving en voorlichting. Wetten en regels zijn er op het gebied van verpakkingen, etikettering en verkoopverbod van producten met potentieel vergiftigingsgevaar voor consumenten. Ook is er wetgeving gericht op het beschermen tegen blootstelling aan gevaarlijke stoffen tijdens het werken ermee of het opslaan of vervoeren ervan. Voorlichting gebeurt zowel persoonlijk als massamediaal. Uitgangspunt hierbij is dat consument en werknemer goed geïnformeerd moeten zijn over risico's van stoffen en producten.


Wet- en regelgeving

EU richtlijnen voor huishoudchemicaliën ter bescherming gebruikers

De Europese Unie heeft richtlijnen opgesteld om gebruikers van huishoudchemicaliën te beschermen tegen de gevaren van dergelijke producten. Huishoudchemicaliën zijn chemische producten die worden gebruikt in het huishouden zoals verf, oplosmiddelen, verdunners, lijmen, reinigings- en wasmiddelen. Het verpakken en etiketteren van deze producten is geregeld in de stoffenrichtlijn (67/548/EEG) en de preparatenrichtlijn (99/45/EG). De beide EU-richtlijnen zijn volledig overgenomen in de nationale wetgeving, te weten in de Wet Milieugevaarlijke Stoffen (Wms) en in een aantal Warenwetbesluiten. Op 1 juni 2007 treedt REACH, een nieuwe Europese verordening voor chemische stoffen, in werking. Deze verordening komt in de plaats van ruim zestig bestaande Europese richtlijnen en verordeningen. De stoffenrichtlijn wordt gewijzigd en de Wms komt te vervallen (zie: toekomstige ontwikkelingen).

Voorschriften etikettering en verpakkingen in Wms

In de Wet Milieugevaarlijke stoffen (Wms) zijn voorschriften opgenomen over etikettering en verpakkingen van bepaalde huishoudchemicaliën, zoals verf, verdunners en schoonmaakmiddelen. Degene die een stof of preparaat (mengsel van twee of meer stoffen) op de markt brengt, dient ervoor te zorgen dat het product bij aflevering voldoet aan de verpakkings- en etikketeringsvoorschriften. Zo dient een etiket van onder de wet vallende gevaarlijke stoffen te zijn voorzien van zogenaamde gevarensymbolen, waarschuwingszinnen en veiligheidsaanbevelingen. Het gevarensymbool voor een product met vergiftigingsgevaar is een doodskop.

Aanvullende voorschriften verpakkingen via Warenwet

De Warenwet regelt de kwaliteit en veiligheid van voedsel en consumentenproducten in het algemeen. Het Besluit Veilige Verpakking Huishoudchemicaliën (d.d. 4 februari 1994) bevat aanvullende voorschriften op het gebied van de verpakking van huishoudchemicaliën, zoals kinderveilige sluitingen, voelbare aanduidingen en misleidende verpakkingsvormen. In deze regeling is ondermeer vastgelegd dat bepaalde huishoudchemicaliën voorzien dienen te zijn van een kinderveilige sluiting (zie: kinderveilige verpakkingen).

Verbod gevaarlijke imitatieproducten via Warenwet

In het Warenwetbesluit Imitatieproducten is geregeld dat vervaardiging, verhandeling en import van gevaarlijke imitatieproducten verboden is. Dit besluit is gebaseerd op de EU richtlijn 83/357/EEG. Imitatieproducten zijn producten die geen eet- en drinkwaren zijn maar door consumenten, in het bijzonder kinderen, wel voor eet- of drinkwaren kunnen worden aangezien. Als gevolg van de verwarring kunnen deze producten worden ingenomen. Een imitatieproduct mag geen gevaar opleveren voor verstikking, vergiftiging, of perforatie of verstopping van het spijsverteringskanaal. Verpakkingen van cosmetica of stoffen/preparaten met het uiterlijk van een drankfles zijn voorbeelden van imitatieproducten met een potentieel vergiftigingsgevaar.

Verkoopverbod risicovolle producten

Het is op basis van de Warenwet mogelijk de verkoop van een product te verbieden wanneer het gebruik van een product teveel risico's met zich meebrengt. Door richtlijn 76/769/EEG zijn beperkingen gesteld aan het op de markt brengen en het gebruik van bepaalde gevaarlijke producten. Deze richtlijn is geïmplementeerd in de Warenwetregeling algemene chemische productveiligheid. Op basis van deze regeling is het bijvoorbeeld verboden om gekleurde en/of geurende lampolie (met een aantrekkingskracht op kleine kinderen) die bij inname tot chemische longontsteking leidt, ter verkoop aan te bieden.

VWA kan risicovolle producten uit handel nemen

Het toezicht en de handhaving van de Warenwet is de verantwoordelijkheid van de Voedsel en Waren Autoriteit (VWA). Tot 2005 kon de toezichthouder bij ondeugdelijke producten alleen overgaan tot een publiekswaarschuwing, proces-verbaal of inbeslagname. Sinds de herziene wetgeving in 2005 kan de VWA bedrijven afdwingen gevaarlijke producten uit de handel te nemen en eventueel terug te halen bij de consument. In 2006 heeft de VWA onderzoek verricht naar uiterlijk, samenstelling en etikettering van vitaminepreparaten voor kinderen. Aanleiding hiertoe was het hoge aantal (door het NVIC) geregistreerde vergiftigingen met deze producten. De VWA constateerde diverse overtredingen. Naast een waarschuwing naar ouders om zorgvuldig met dergelijke producten om te gaan, heeft de VWA besloten om twee op snoepjes gelijkende producten uit de handel te nemen.

Kinderveilige verpakking geneesmiddelen via WGV

Het Besluit Kinderveilige Verpakking Geneesmiddelen van de Wet op de Geneesmiddelen Voorziening (WGV, 24 oktober 1989) is erop gericht vergiftiging van kinderen te voorkomen. Het besluit heeft betrekking op geneesmiddelen in tabletvorm bestemd voor particuliere verbruikers met (verbindingen met) de volgende substanties: Acidum acetylsalicylicum, Acidum salicylicum en Paracetamolum. De stoffen zitten met name in de vrij verkrijgbare paracetamol tabletten. De Inspectie voor de Gezondheidszorg is verantwoordelijk voor het toezicht en de handhaving van de WGV. Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) voert het toezicht in de praktijk uit.

ARBO-wet regelt bescherming werknemers

De Arbeidsomstandighedenwet (ARBO-wet) is bedoeld om werknemers te beschermen tegen arbeid gerelateerde risico's. Werkgevers zijn verplicht de wet na te leven en zijn verantwoordelijk voor het nemen van maatregelen om de arbeidsomstandigheden te verbeteren. Twee nationale programma's zijn relevant voor preventie van vergiftiging. Het Nationale Programma Versterking Arbeidsveiligheid is gericht op het vergroten van het veiligheidsbewustzijn en de -cultuur in bedrijven met als doel het verminderen van ongevallen. Binnen dit programma wordt een risicomodel ontwikkeld om risico's in kaart te brengen. Het vrijkomen van gevaarlijke stoffen wordt als één van de eerste uitgewerkt. Ook wordt er voorlichting over risico's gegeven. Het Programma Versterking Arbeidsomstandighedenbeleid Stoffen (VASt) is gericht op een goed werkend stoffenbeleid. Branches en productketens stellen actieplannen op en zullen deze uitvoeren bedoeld om blootstelling aan gevaarlijke stoffen structureel te beheersen. In dit kader worden stoffen specifieke informatiekaarten en chemiekaarten opgesteld met informatie over gevaren en aanwijzingen voor veilig gebruik (zie ook: veiligheid op de werkplek).

Naar boven


Voorlichting

Veiligheidsinformatie via consultatiebureaus

Aan de hand van veiligheidsinformatiekaarten krijgen ouders van kinderen van 0-4 jaar veiligheidsvoorlichting tijdens hun bezoeken aan het consultatiebureau. Ook maatregelen die ouders kunnen nemen om vergiftigingen te voorkomen komen hierbij aan de orde. De veiligheidsinformatiekaarten zijn ontwikkeld door Stichting Consument en Veiligheid en zijn landelijk ingevoerd.

Blijvende aandacht voor voorlichting

Van september 2000 tot maart 2002 heeft de kinderveiligheidscampagne 'Giftige verleiders' plaatsgevonden. Deze massamediale campagne had tot doel met name ouders van jonge kinderen beter te informeren over risico's op vergiftiging. Na afsluiting van de campagne is de voorlichting gecontinueerd. Stichting Consument en Veiligheid biedt op de site www.veiligheid.nl advies over veiligheid en preventie. Informatie en advies over het voorkomen van vergiftiging is te vinden bij het thema kinderen. Voorbeelden van ander voorlichtingsmateriaal zijn: de brochures over Gevaarlijke stoffen en over Giftige planten, gifkaarten en de folder 'kinderen en medicijnvergiftiging' beschikbaar via apotheken.

Nationaal Voorlichtingsprogramma Brandveiligheid

In 2002 heeft de Stichting Consument en Veiligheid in opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) het Nationaal Voorlichtingsprogramma Brandveiligheid ontwikkeld. Het doel van dit programma is het bewustzijn over en de eigen verantwoordelijkheid voor brandveiligheid in de samenleving te vergroten. Eén van de projecten binnen dit programma betreft het verbeteren van de veiligheid van gas- en electra-voorzieningen en de preventie van koolmonoxidevorming in woningen en openbare gelegenheden. Dit project moet het aantal koolmonoxidevergiftigingen terugdringen. Ieder jaar overlijden 11 mensen en belanden honderden mensen in het ziekenhuis door koolmonoxidevergiftiging als gevolg van ondeugdelijke installaties of onvoldoende ventilatie.

Onderzoek ten behoeve van preventieve interventies

Voor het ontwikkelen en uitvoeren van effectieve preventieve interventies is kennis over de doelgroep noodzakelijk. Consument en Veiligheid verricht hiertoe onderzoek. In 2004 is onder jonge ouders een pilot gehouden naar beweegredenen en motiverende factoren bij verschillende veiligheidsmaatregelen. In 2005 is de 'veiligheidsbarometer ouders van kinderen van 0-4 jaar' uitgevoerd, waarin veiligheidsbeleving (over onder meer vergiftigingen) centraal staat. De verkregen inzichten leiden tot ideevorming over te voeren beleid en te ontwikkelen interventies ter preventie van ongevallen.

I-database biedt overzicht van leefstijlinterventies gericht op vergiftigingen

In de I-database (Interventiedatabase) staat het aanbod van leefstijlinterventies die in Nederland worden uitgevoerd op het gebied van vergiftigingen. Het Centrum Gezond Leven heeft hierbij een coördinerende en faciliterende rol. Ook geeft een onafhankelijke Erkenningscommisie inzicht in de kwaliteit en effectiviteit van de interventies.

Direct naar: urlOverzicht interventies in de I-database gericht op vergiftigingen.

Naar boven

.

Begrippen en afkortingen

Afkortingen

ARBO
Arbeidsomstandigheden
BZK
Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
URL: www.rijksoverheid.nl/ministeries/bzk
CBG
College ter beoordeling van geneesmiddelen
Verantwoordelijk voor de toelating van geneesmiddelen op de Nederlandse markt. URL: http://www.cbg-meb.nl
NVIC
Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum
VWA
Voedsel en waren autoriteit
Onderzoekt en bewaakt de veiligheid van voedsel en consumentenproducten. URL: http://www.vwa.nl
Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 4.7, 22 maart 2012
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.