U bevindt zich op:Nationaal Kompas Volksgezondheid›Preventie›Uitgaven aan preventie
In 2007 is naar schatting 13 miljard euro uitgegeven aan preventie in Nederland. Het merendeel, 10 miljard euro, is buiten de zorg uitgegeven. Ongeveer 3 miljard euro is binnen de zorg besteed. Vrijwel alle uitgaven buiten de zorg worden besteed aan gezondheidsbescherming, zoals het bestrijden van luchtverontreiniging en het bevorderen van de verkeersveiligheid. De werkelijke uitgaven aan preventie buiten de zorg wijken waarschijnlijk iets af van de geschatte uitgaven. De geschatte 10 miljard euro betreft alle kosten van maatregelen met preventie als voornaamste doel. Die maatregelen hebben echter ook vaak ook andere doelen, zoals welzijn of milieubescherming. Tegelijkertijd zijn niet alle uitgaven aan preventie buiten de zorg bekend. Het ontbreekt onder meer aan cijfers over uitgaven aan voedselveiligheid, enkele uitgaven van particulieren aan preventieve producten, zoals zonnebrandcrème en rookmelders, en enkele preventieve activiteiten van de politie (Post et al., 2010b).
De uitgaven binnen de zorg gaan voor het merendeel (2,5 miljard euro) naar ziektepreventie, zoals vaccinatie, screening en preventieve medicatie. Aan gezondheidsbevorderende maatregelen als leefstijlvoorlichting wordt binnen de zorg bijna een half miljard euro uitgegeven. (Post et al., 2010b).
De totale uitgaven aan preventie in 2007 zijn ten opzichte van 2003, na correctie voor de prijsstijging, met 2% licht gedaald. De daling komt vooral voor rekening van gezondheidsbescherming (-5,8%) en gezondheidsbevordering (-2,2%). Uitgaven aan ziektepreventie in 2007 zijn daarentegen met 15,6% toegenomen ten opzichte van 2003. Deze stijging wordt vooral veroorzaakt door toegenomen uitgaven aan bloeddruk- en cholesterolverlagers (Post et al., 2010b).
De bekostiging van preventie is afhankelijk van de doelgroep waarop de activiteit(en) zich richt(en). Het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) heeft voor de bekostiging van universele, selectieve, geïndiceerde en zorggerelateerde preventie een tweedeling voorgesteld (CVZ, 2007). Universele en selectieve preventie zijn volgens het CVZ collectieve vormen van preventie, omdat ze zich niet richten op individuen, maar op populaties. Zij dienen om die reden betaald te worden door de gemeentelijke of landelijke overheid (bijvoorbeeld vanuit de Wpg of Wmo). Geïndiceerde en zorggerelateerde preventie zijn gericht op individuen en vallen volgens het CVZ daarom onder de zorgverzekeringswet.