U bevindt zich op:Nationaal Kompas Volksgezondheid›Preventie›Gericht op gezondheidsdeterminanten›Preventie op persoonsgebonden kenmerken›Lichaamsgewicht›Preventie gericht op lichaamsgewicht samengevat
In 2007 had 51% van de mannen en 40% van de vrouwen van 20 jaar en ouder matig dan wel ernstig overgewicht. In de periode 2005-2006 had ongeveer 2% van de Nederlandse mannen en vrouwen van 18 tot 70 jaar een te laag lichaamsgewicht. In tegenstelling tot overgewicht komt ondergewicht veelal bij zeer specifieke en relatief kleine groepen voor. Vanwege dit specifieke karakter is er nog weinig aanbod van preventieactiviteiten gericht op ondergewicht.
Overgewicht ontstaat doordat het lichaam meer energie binnenkrijgt dan het nodig heeft. Twee factoren hebben hier invloed op: de energie-inname via de voeding en het energieverbruik door beweging. Preventie van overgewicht moet zich daarom richten op het herstellen van de balans tussen voeding en beweging, het bevorderen van een normaal lichaamsgewicht bij mensen die al te zwaar zijn en het op gewicht blijven voor mensen die zijn afgevallen. Dit laatste blijkt echter vaak moeilijker te zijn dan het voorkómen van gewichtsstijging bij mensen met een goed gewicht.
Verschillende instanties in Nederland houden zich bezig met het voorkómen van overgewicht. In de eerste plaats is dat het ministerie van VWS, die de preventie van overgewicht coördineert, organisaties en projecten financiert en informeert over gezonde voeding. Dit laatste doet zij via het Voedingscentrum. Daarnaast bevordert het Nederlands Instituut voor Sport en Bewegen (NISB) de lichamelijke activiteit onder de bevolking, net als het Nederlands Olympisch Comité*Nederlandse Sport Federatie (NOC*NSF). Zowel met het Convenant Gezond Gewicht als in de Nota Voeding en Gezondheid ondersteunt de overheid de consument bij het maken van een gezonde keuze in voeding.
Er worden veel initiatieven ontplooid op het gebied van preventie van overgewicht, waarmee theoretisch gezien veel winst valt te behalen. Desondanks is er nog weinig bekend over de effecten van deze initiatieven op het gewicht, beweeggedrag of energie-inname. Deze effecten worden veelal niet geëvalueerd na het implementeren van een preventieactiviteit. Er bestaan veel verschillende (commerciële en niet-commerciële) methoden om af te vallen. Het blijkt echter moeilijk om gewichtsverlies te behouden. De afvalprogramma's leveren op de korte termijn vaak wel een behoorlijk gewichtsverlies op, maar op de lange termijn blijft daar meestal weinig van over.
Ondergewicht kan ontstaan door een te lage inname van voedingsstoffen. Dit komt vaak voor bij chronisch zieken en ouderen. Preventieve activiteiten zijn voornamelijk gericht op het vroeg herkennen van ondervoeding en de risicofactoren van ondervoeding. Ondergewicht kan ook voorkomen bij mensen met een eetstoornis. In dit geval richt preventie zich op het vroegtijdig herkennen van een eetstoornis door bijvoorbeeld huisartsen.
Het percentage mensen met overgewicht neemt in de hele wereld toe. Zowel op nationaal als op Europees niveau worden strategieën tegen de stijgende prevalentie van overgewicht ontwikkeld en geïmplementeerd. In 2005 hadden negentien EU-lidstaten, waaronder Nederland, een beleidsdocument of actieplan gericht op voeding of overgewicht.