Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Nationaal Kompas Volksgezondheid
Preventie van seksueel risicogedrag
Bereik en effectiviteit

Seksueel risicogedrag: Wat zijn de effecten?

Mix aan interventies van belang voor effectiviteit

Seksueel risicogedrag levert een grote bijdrage aan het blijven bestaan van hiv en andere soa. Gedragsgerichte preventie richt zich eigenlijk niet op de uiteindelijke gedragsuitkomst (meer of minder hiv-infecties of soa) en ook niet op het seksueel gedrag zelf (wel of niet veilig vrijen) maar op de determinanten van gedrag. Het verband tussen veilig gedrag en minder hiv-infecties of soa is bewezen met onderzoek naar de veiligheid van condooms. Het verband tussen de determinanten van gedrag en het (on)veilig vrijen is bewezen aan de hand van getoetste gedragsmodellen (zoals bijvoorbeeld het Health Belief Model van Hochbaum en Becker en de theorie van beredeneerd/gepland gedrag van Fishbein en Azjen). Door het beïnvloeden van determinanten van gedrag levert de preventie van seksueel risicogedrag dus een bijdrage aan veilig vrijen en daarmee aan het voorkómen van infecties en ongewenste zwangerschap (SANL, 2004c). Die determinanten bevinden zich op verschillende niveaus: individueel, groep, gemeenschap, omgeving en kunnen situatiegebonden of structureel zijn. Voor de meeste individuen en populaties zullen er meerdere determinanten tegelijk spelen die bepalen of er wel of niet veilig seksueel gedrag plaatsvindt. Het is daarom niet te verwachten dat een preventie activiteit die zich maar op één determinant of één niveau richt, voldoende zal zijn om een blijvende gedragsverandering te bewerkstelligen. Activiteiten die tegelijkertijd uitgevoerd worden op verschillende niveaus en die verschillende determinanten aanspreken zullen meer effectief zijn. Dit betekent dat er per doelgroep een mix aan dergelijke activiteiten nodig is, die een samenhang vertonen bijvoorbeeld in de vorm van een programma (Ellis et al., 2003a).

Interventies bij mannen die seks hebben met mannen hebben positieve effecten

De campagne ter bevordering van hiv-test 'Steeds meer mannen weten het' leidt tot een significante toename van percentage geteste MSM: van 42% in 1999 naar 54% in 2002 (Hospers et al., 2003). Het online advies op maat over soa/hiv-test (www.soatest.nl) leidt tot toename van het aantal MSM die zich laten testen. Uit effectonderzoek onder homoseksuele gebruikers van het online advies (N=234) rapporteerde 43,5% binnen tien weken na het advies getest te zijn. Deze mannen waren nog nooit getest en rapporteerden risicogedrag (De Wit & Adam, 2005). De interventie gericht op veilig vrijen in een vaste relatie leidt tot een verhoging van: risicoperceptie, van intentie tot veilig vrijen, zelf effectiviteit, veilig gedrag met vaste partner, veilig gedrag met nieuwe partner (Davidovich, 2006)).

Ondanks positieve effecten interventies nog veel seksueel risicogedrag

Op enkele aspecten wordt winst geboekt. Vooral kennis over, gedragsintenties tot veilig vrijen en het testgedrag worden positief beïnvloed door verschillende interventies. Ondanks positieve effecten van de preventie van seksueel risicogedrag, blijft dit risicogedrag op een te hoog nivo aanwezig. Zo heeft bijna een kwart van de homomannen met hiv met een vaste partner onbeschermde anale seks met die partner. Een derde van de mannen met hiv met losse partners rapporteerde onbeschermde anale seks met een of meerdere van die partners. Onbekend is hoe vaak beide partners hierbij dezelfde status hadden (Van Kesteren et al., 2005). Bij druggebruikers vindt inconsistent condoomgebruik plaats bij 85% met vaste partners en bij 43% met losse partners (De Boer et al., 2003b). Voor dit verschijnsel zijn verschillende factoren aan te wijzen:

  • Achterstand in testbeleid: in Nederland is ongeveer 10.000 van de naar schatting 16.000 mensen met hiv op de hoogte van de eigen serostatus (Van de Laar et al., 2005). Door actiever te stimuleren dat mensen zich laten testen op hiv (en andere soa) zullen meer infecties gevonden worden: een stijging in de hiv-cijfers is dus een positief teken dat de achterstand in het bewust zijn van de eigen serostatus wordt ingelopen.
  • Demografische ontwikkelingen: door trends in het algemeen seksueel gedrag kan bij een gelijk nivo van (on)veilig vrijen meer transmissie plaatsvinden. Dit is bijvoorbeeld het geval bij homomannen: terwijl het percentage onbeschermde anale seks zowel met vaste als met losse partners tussen 2000 en 2003 constant bleef, heeft er een opvallende toename van anale seks plaatsgevonden, waardoor uiteindelijk in absolute zin meer respondenten onveilige seks rapporteren (Hospers et al., 2003)
  • Gebrekkige implementatie: bewezen effectieve preventie activiteiten dienen structureel geimplementeerd te worden om een optimaal effect te hebben. Dit is veelal niet het geval in de praktijk. Ter illustratie: de systematische landelijke implementatie van het effectief gebleken lespakket Lang Leve de Liefde in de periode 1999-2002 met een extra investering van 700.000 gulden en de inspanning van drie landelijke organisatie leidde uiteindelijk tot een bereik van de helft van alle relevante (vmbo) scholen (Wieferink et al., 2002). De andere helft is dus niet bereikt en de investering bleek eenmalig.

Leefstijlinterventies in I-database gerangschikt naar beoordelingsniveau

In de I-database (Interventiedatabase) staat het aanbod van leefstijlinterventies die in Nederland worden uitgevoerd, onder meer gericht op preventie van seksueel risicogedrag. Een onafhankelijke Erkenningscommissie beoordeelt de kwaliteit en effectiviteit van de interventies. De interventies in de I-database zijn gerangschikt naar beoordelingsniveau. Interventies met het hoogste beoordelingsniveau staan bovenaan, interventies zonder erkenning staan onderaan.

De beoordelingsniveaus zijn:

  • bewezen effectief
  • waarschijnlijk effectief
  • theoretisch goed onderbouwd.

Meer over beoordelingsniveaus: Beoordelingscriteria Erkenningscommissie.

Handreiking Gezonde Gemeente biedt interventieoverzichten van beoordeelde interventies

De Handreiking Gezonde Gemeente biedt interventieoverzichten van aanbevolen interventies voor de thema’s roken, overgewicht, depressie, alcohol en seksuele gezondheid. Dit zijn interventies die ten minste theoretisch goed onderbouwd zijn. Daarnaast worden interventies weergegeven die 'goed beschreven' zijn. Het gaat om interventies die door praktijkprofessionals beoordeeld zijn en voldoen aan drie basale kwaliteitseisen: 1) goed beschreven; 2) bevat een handleiding en 3) bevat een procesevaluatie.

Direct naar:

Overzicht beoordeelde interventies gericht op seksuele gezondheid.

.

Bronnen en Literatuur

Literatuur

  • Boer J De, Coul E Op de, Beuker R.Trends in Hiv prevalentie en risicogedrag onder injecterende druggebruikers in Rotterdam 2003. Bilthoven: RIVM, 2003b.
  • Davidovich E.Liaisons dangereuses. Hiv risk behavior and prevention in steady gay relationships, proefschrift. Utrecht: Universiteit Utrecht, 2006.
  • Ellis S, Barnett-Page E, Morgan A, Taylor L, Walters R, Goodrich J.Hiv-prevention: a review of reviews assessing the effectiveness of interventions to reduce the risk of sexual transmission. Evidence briefing. London: HHS/HAD, 2003a.
  • Hospers HJ, Dörfler TT, Zuilhof W.Monitoronderzoek 2003. Amsterdam: Schorerstichting, 2003.
  • Kesteren N van, Hospers H, Kok G, Empelen P van.Sexuality and sexual risk behavior in hiv-positive men who have sex with men. Accepted for publication. Qualitative Health research, 2005; 15(2): 145-68.
  • Laar MJW van de, Boer IM de, Koedijk FDH, Coul ELM op de.HIV and Sexually Transmitted Infections in the Netherlands in 2004, An update: November 2005. RIVM-rapport nr. 441100022. Bilthoven: RIVM, 2005.
  • SANL, Soa Aids Nederland.Preventie van hiv en andere soa in Nederland. Advies aan de Minister van VWS. Amsterdam: SANL, 2004c.
  • Wieferink K, Paulussen TH, Linthorst M.Planmatige invoering van het herziene lesprogramma Lang Leve de Liefde. GGD Nieuws, 2002; 4: 17-23.
  • Wit J de, Adam PH.Evaluatie van soatest.nl. Onderzoek naar effecten van getaillorde online advisering over SOA-onderzoek en HIV-test op intenties en gedragingen van homoseksuele mannen met risico op SOA en HIV. Utrecht: I-PSR, 2005.

Begrippen en afkortingen

Afkortingen

MSM
Mannen die seks hebben met mannen
Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 4.7, 22 maart 2012
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.