Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Nationaal Kompas Volksgezondheid
Preventie van seksueel risicogedrag
Kort en bondig

Veilig vrijen boodschap gericht op specifieke risicogroepen

Preventie van seksueel risicogedrag via het bevorderen van veilig vrijen, heeft tot doel hiv-infecties en ongewenste zwangerschappen te voorkomen en het risico op andere seksueel overdraagbare aandoeningen (soa) te verminderen. De veilig vrijen boodschap is vooral gericht op specifieke risicogroepen, zoals mannen die seks hebben met mannen (MSM), jongeren, prostituees en hun klanten, mensen met hiv, etnische minderheden en druggebruikers.

Behoorlijke gezondheidswinst door veilig vrijen

Hoewel seksueel risicogedrag geen grote bijdrage levert aan de sterfte in Nederland, valt er met de preventie aanzienlijke gezondheidswinst te behalen en kunnen ernstige gevolgen voorkomen worden, zoals onvruchtbaarheid, overdracht van hiv of andere soa, of ongewenste zwangerschap. Internationaal gezien komen er in landen met een open en liberale houding ten aanzien van seksuele voorlichting, minder tienerzwangerschappen, abortussen en soa voor. In Nederland krijgen kinderen op relatief jonge leeftijd voorlichting en wordt er bij die voorlichting eerder pragmatisch dan moralistich ingezet.

Veel partijen werken aan de preventie

De uitvoering van de preventie van seksueel risicogedrag is een lokale/regionale verantwoordelijkheid van gemeenten en hun GGD'en. Ook andere lokale en regionale actoren zoals huisartsen, soa-centra, scholen en jongerencentra spelen een rol bij de uitvoering van preventie-activiteiten. Zij worden ondersteund door landelijke soa/hiv preventie programma's en enkele landelijke instellingen, zoals Rutgers WPF. Het Ministerie van VWS is verantwoordelijk voor de landelijke preventie infrastructuur. Het Centrum voor Infectieziektebestrijding stuurt op hoofdlijnen aan en de landelijke coordinatie van de soa en hiv-preventie wordt verzorgd door Soa Aids Nederland.

Een rijke mix aan preventie activiteiten

Naast een jaarlijkse massamediale Vrij Veilig Campagne, wordt ook voorlichting gegeven via brochures, websites, telefoon en e-mail. Voor de belangrijkste doelgroepen zoals MSM, jongeren, prostituees en hun klanten, druggebruikers, etnische minderheden en mensen met hiv worden specifieke preventie activiteiten ontwikkeld, waarbij maatwerk plaatsvindt op leefstijl. Uitvoering vindt onder andere plaats in settings als scholen, jeugdwelzijnswerk, uitgaansleven, tippelzones en clubs, asielzoekerscentra en gevangenissen. Omgevingsgerichte activiteiten betreffen bijvoorbeeld het plaatsen van condoomautomaten. Wet- en regelgeving over de kwaliteit van condooms draagt bij aan de gewenste veiligheid van het condoomgebruik.

Beperkt (inzicht in) bereik en effect

In het algemeen worden jongeren, homomannen en prostituees beter bereikt dan etnische minderheden, druggebruikers en mensen met hiv. Zo kent 96% van de 13-19 jarigen de Vrij Veilig Campagne in 2004 en trekt een website voor de prostitutiesector 87.780 bezoekers in 2004. De Aids Soa Infolijn heeft contact met 38.000 personen in 2004. En er is een groei van het aantal steden met een hiv/aids actieweek in de homogemeenschap van 6 in 2002 naar 27 in 2004. Preventie activiteiten slagen er in positieve effecten te bereiken in de determinanten van (on)veilig gedrag zoals kennis, vaardigheden en intenties. Er is een beperkt zicht op het bereik van de lokale/regionale uitvoering van de preventie activiteiten. Verder is het niveau van onveilig vrijen onder de belangrijkste doelgroepen nog steeds te hoog. Enkele oorzaken hiervoor zijn: een achterstand in het vinden van hiv-infecties, algemene trends in seksueel gedrag, maar vooral het niet structureel en breed implementeren van bewezen effectieve interventies.

.
Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 4.7, 22 maart 2012
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.