U bevindt zich op:Nationaal Kompas Volksgezondheid›Preventie›Gericht op doelgroepen›Jeugd›Jeugd: Welke factoren beïnvloeden de effectiviteit?
Het terugdringen van ongezond gedrag heeft naar verwachting ook bij de jeugd de meeste kans van slagen wanneer er meerdere methoden door verschillende partijen en beleidssectoren tegelijk worden ingezet (Van den Berg & Schoemaker, 2010). Van een mix van beleidsmaatregelen gericht op de persoon en de omgeving is het meest te verwachten als het gaat om het bevorderen van gezond gedrag. Zo'n integrale aanpak waarin maatregelen gecombineerd worden, vereist een goede afstemming tussen de verschillende beleidssectoren. Daarbij dient steeds te worden nagegaan waar mogelijke overlappingen tussen het beleid van verschillende overheden of beleidssectoren zitten, welke lacunes er bestaan en of er misschien beleidsmaatregelen zijn die elkaar tegenwerken of die kunnen resulteren in onbedoelde negatieve effecten (Schrijvers & Schoemaker, 2008).
Zie ook: Integraal gezondheidsbeleid
Verschillende vormen van ongezond gedrag komen vaak samen voor bij jongeren (Schrijvers & Schoemaker, 2008). Deze samenhang tussen verschillende vormen van ongezond gedrag wordt deels verklaard door de overeenkomst in achterliggende determinanten, zoals persoonsgebonden factoren (zoals persoonlijkheid) of de invloed uit de omgeving (zoals familie en vrienden of beschikbhaarheid van middelen) (Hoeymans et al., 2010). Preventieve interventies richten zich tot op heden vaak maar op één vorm van ongezond gedrag, of op één risicofactor. Dit lijkt gezien de clustering niet de meest effectieve en efficiënte weg om de volksgezondheid in Nederland te verbeteren. Gecombineerde preventie, gericht op meerdere risicofactoren tegelijkertijd, is daarom een logische stap (Van den Berg & Schoemaker, 2010).
Zie ook: Inhoudelijke samenhang tussen gezondheidsbevorderende interventies