Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Nationaal Kompas Volksgezondheid
Straling

Straling samengevat

Grote verschillen tussen stralingstypen

Omdat er verschillen zijn in de aard en interactie van straling met materie en lichaamsweefsel, is het nodig om onderscheid te maken tussen verschillende typen straling. Naar de (mogelijke) effecten op de gezondheid wordt onderscheid gemaakt in ioniserende en niet-ioniserende straling. Alfa- en betastraling (niet-zichtbare deeltjes) en röntgen- en gammastraling (golven/elektromagnetische straling) behoren tot de ioniserende straling en ultraviolette (UV) straling, zichtbare straling (licht), infrarood en radiofrequente (RF) en extreem-laagfrequente (ELF) elektromagnetische velden tot de niet-ioniserende straling.

Focus op ioniserende- en UV-straling en elektromagnetische velden

In het Kompas zullen wij ons primair richten op ioniserende straling, UV-straling en elektromagnetische velden (RF en ELF), omdat deze typen straling een belangrijke rol spelen in de praktische stralingsbescherming van alledag, dan wel volop in de publieke belangstelling staan.

Gezondheidseffecten van straling afhankelijk van type straling

De effecten van straling op de gezondheid zijn verschillend voor ioniserende straling, UV-straling en elektromagnetische velden. Naar schatting leidt de huidige lage blootstelling aan ioniserende straling in het dagelijks leven in Nederland tot een paar duizend sterfgevallen door kanker per jaar. Bij hoge doses ioniserende straling kunnen ook 'vroege' gezondheidseffecten optreden, zoals roodheid en zwelling van de huid, haaruitval, maagdarmklachten (misselijkheid, braken, diarree) en in extreme gevallen zelfs sterfte. Ioniserende straling wordt ook toegepast voor het opsporen van ziekten en bij het behandelen van ziekten. Overmatige blootstelling aan UV-straling leidt tot huidkanker, huidveroudering en draagt bij aan staarvorming. Het gaat daarbij om tienduizenden ziektegevallen en circa 700 sterfgevallen aan huidkanker per jaar. UV-straling is ook een belangrijke bron voor de aanmaak van vitamine D dat nodig is voor sterke botten en het draagt waarschijnlijk bij aan het verlagen van de kans op enkele inwendige vormen van kanker. Thermische effecten (door opwarming van het lichaam) van radiofrequente elektromagnetische straling treden doorgaans niet op omdat de referentieniveaus gericht op het voorkómen van thermische effecten, niet worden overschreden. Momenteel is niet duidelijk of blootstelling aan radiofrequente velden in de leefomgeving op de lange termijn tot niet-thermische gezondheidseffecten kunnen leiden. Uit buitenlands epidemiologisch onderzoek blijkt dat de kans op kinderleukemie hoger is voor kinderen die in de buurt van een bovengrondse hoogspanningslijn (bron van ELF-velden) wonen. Een oorzakelijk verband met het ELF-veld is echter niet aangetoond.

Straling heeft zowel een natuurlijke als kunstmatige oorsprong

Ioniserende straling is van nature aanwezig, zoals radon in de bodem en kosmische straling uit het heelal. Ioniserende straling kan ook afkomstig zijn van kunstmatige bronnen zoals medisch diagnostisch onderzoek. De zomerzon is de belangrijkste bron van UV-straling. ELF-velden ontstaan bij transport en distributie van elektriciteit en bij gebruik van elektrische apparaten. ELF-velden komen voor rond alledaagse zaken zoals hoogspanningslijnen, scheerapparaten, stofzuigers en boormachines. RF-velden komen voor rond mobiele telefoons, de bijbehorende basisstations, radio- en televisiezendmasten, anti-diefstalpoortjes, radarinstallaties en in sommige huishoudelijke apparaten zoals DECT-telefoons en magnetrons.

Iedereen wordt blootgesteld aan lage doses ioniserende straling, maar specifieke groepen ontvangen hogere doses

Iedereen wordt blootgesteld aan lage doses ioniserende straling, gemiddeld 2,4 mSv (millisievert) per jaar, maar specifieke groepen zoals mensen die veel medisch diagnostische onderzoeken met ioniserende straling ondergaan, sommige mensen die met radiologische apparatuur werken, en mensen die behandeld worden voor kanker, ontvangen een hogere dosis. Veertig procent van de blootstelling aan ioniserende straling vindt plaats in het binnenmilieu en bijna een derde door medisch diagnostische toepassingen. Die laatste blootstelling is de laatste jaren flink toegenomen. Iedereen die buitenkomt en onbedekte huidgedeelten of ogen blootstelt aan de zon, zal een dosis ultraviolette (UV) straling oplopen. Er is weinig bekend over de omvang van blootstelling aan UV-straling in Nederland, maar de blootstelling is waarschijnlijk toegenomen in de afgelopen decennia. Er wonen in Nederland momenteel zo´n 10.000 kinderen in een zone waar de magnetische veldsterkte hoger dan 0,4 microtesla is. In zo'n zone bestaat mogelijk een verhoogde kans op leukemie bij kinderen. De referentieniveaus van de Europese Unie, gericht op het voorkómen dat er tijdens of kort na blootstelling aan laagfrequente en radiofrequente elektromagnetische velden gezondheidseffecten optreden, worden in de normale leefomgeving in Nederland niet overschreden. Gelet op de ontwikkelingen op het gebied van mobiele communicatie en het toenemende gebruik van elektrische apparatuur is het aannemelijk dat de blootstelling aan elektromagnetische velden in de leefomgeving is toegenomen en blijft toenemen.

Beperkte regionale verschillen in blootstelling aan straling

In Nederland bestaan slechts beperkte regionale verschillen in blootstelling aan ioniserende straling. Er is enig verschil door verschillende bodemsoorten, maar de verschillen zijn in Nederland aanzienlijk kleiner dan in de ons omringende landen. Vergeleken met andere landen zijn de radonconcentraties in Nederlandse woningen laag. Blootstelling aan ioniserende straling door medische apparatuur is in Nederland minder hoog dan in omringende landen. De ultraviolette stralingsniveaus zijn iets hoger in het zuiden en aan de kust van Nederland. Binnen Europa is er een sterke noord-zuid gradiënt in de sterkte van de UV-straling van de zon.

.
Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 4.7, 22 maart 2012
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.