Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Nationaal Kompas Volksgezondheid
Sociale steun
De determinant, gezondheidsgevolgen en oorzaken

Wat zijn mogelijke gezondheidsgevolgen van sociale steun?

Gevolgen voor lichamelijke en psychische gezondheid Sociale steun bij chronisch zieken

Gevolgen voor lichamelijke en psychische gezondheid

Het lichaam reageert op sociale steun

Meer sociale steun is verbonden met een lagere hartslag, lagere bloeddruk, minder serumcholesterol, betere immuunreacties en minder stressreacties (minder catecholamines en cortisol) (Seeman, 2000; Sherman et al., 2009).

Minder kans op overlijden door sociale steun

Mensen die veel sociale steun krijgen, hebben een hogere kans om langer te leven dan mensen met een vergelijkbare gezondheid die minder steun van anderen krijgen (Holt-Lunstadt et al., 2010). Ook uit Nederlands onderzoek blijkt dat mensen die veel sociale steun krijgen na 20 jaar een lager risico op overlijden hebben (Croezen et al., 2010). De samenhang tussen sociale steun en overlijdenskans geldt nog meer voor de mensen die op tussentijdse meetmomenten steeds veel sociale steun rapporteren. Negatieve sociale interacties hangen niet samen met de kans om te overlijden (Croezen et al., 2010).

Sociale steun beschermt tegen hart- en vaatziekten

Sociale steun beschermt tegen het ontstaan van hart- en vaatziekten. Daarnaast zorgt sociale steun ook voor een gunstiger prognose bij mensen die al aan hart- en vaatziekten lijden (Kuper et al., 2002; Everson-Rose & Lewis, 2005; Barth et al., 2010). Wat dit laatste betreft lijkt vooral emotionele ondersteuning een belangrijke rol te spelen (Luttik et al., 2005).

Over sociale steun binnen het huwelijk is uit onderzoek bekend dat door een goede kwaliteit van de relatie minder hartpatiënten overlijden. Dit geldt sterker voor vrouwen dan voor mannen (Coyne et al., 2001).

Invloed van sociale steun op kanker onduidelijk

De invloed van sociale steun op kanker is niet duidelijk. Er zijn wel enkele aanwijzingen dat weinig sociale steun het ontstaan en een ongunstige voortgang beïnvloedt. Tot nu toe is hier echter geen overtuigend bewijs voor (Garssen, 2004b; Edelman, 2005; Chida et al., 2008). Wat het overlijden aan kanker betreft zijn er aanwijzingen dat mensen die meer sociale steun ervaren een 12 tot 25% lagere kans hebben om te overlijden. Dit geldt vooral voor mensen met leukemie en lymfklierkanker (Pinquart & Duberstein, 2010). De conclusie op basis van een andere studie is dat alleen voor borstkanker voldoende bewijs is voor een positief effect van sociale steun op het verloop (lagere kans op overlijden maar ook op terugkeer van kanker en de overgang naar een ernstiger stadium) (Nausheen et al., 2009).

Gezonde leefstijl vaker bij jongeren met ondersteunende ouders

Positief ondersteunende en betrokken ouders vergroten de kans op jongeren met een gezonde leefstijl. Gedragingen als veilig vrijen, gezond eten, niet roken en lagere alcoholconsumptie komen vaker voor bij jongeren met betrokken ouders die hun kinderen steun geven (Wiefferink et al., 2006). Met deze gezonde leefstijlen kunnen jongeren belangrijke gezondheidsproblemen als seksueel overdraagbare aandoeningen, diabetes mellitus en hart-en vaatziekten (op latere leeftijd) voorkomen.

Weinig emotionele steun voor kinderen voorspelt psychische problemen

Kinderen die weinig emotionele steun van hun ouders ontvangen, krijgen vaker psychische problemen op volwassen leeftijd. Vooral gebrek aan emotionele ondersteuning van de moeder speelt een belangrijke rol. Psychische problemen die later mogelijk ontstaan zijn depressies, paniekstoornissen, fobieën (zie: Angststoornissen) en verslavingen aan alcohol en andere middelen (Enns et al., 2002).

Minder depressie en angststoornissen door sociale steun

Dagelijkse emotionele steun beschermt tegen het ontstaan van depressies en angststoornissen. Voor mannen is het beschermende effect van dagelijkse emotionele steun tegen het ontstaan van een depressie groter dan voor vrouwen. Het beschermende effect tegen angststoornissen is vergelijkbaar tussen mannen en vrouwen (Plaisier et al., 2007).

Negatieve interacties zijn lichamelijk en psychisch ongezond

Negatieve sociale interacties, zoals afkeurende opmerkingen en onredelijke eisen, lijken het risico op met name depressie en angina pectoris te verhogen (Seeman, 2000).

Langdurige conflicten zijn ook een vorm van negatieve sociale interacties. Conflicten die zich over langere tijd uitstrekken zijn van invloed op het later ontstaan van zowel stemmings- als angststoornissen (Vollebergh et al., 2003).

Naar boven


Sociale steun bij chronisch zieken

Betere psychische gezondheid bij meer gezelschap voor reumapatiënten

Bij mensen met reumatoïde artritis (RA) lijkt sociale steun in de vorm van gezelschap depressie en psychische onrust te verminderen. Daarnaast bevorderen ook emotionele ondersteuning en instrumentele ondersteuning de psychische gezondheid van mensen met RA. Beide laatstgenoemde effecten treden echter op via steun in de vorm van gezelschap.

De resultaten tonen het belang voor RA-patiënten van anderen die vragen ergens aan mee te doen of naartoe te gaan, zomaar opbellen, een praatje maken of op visite komen (Suurmeijer et al., 2005).

Emotionele ondersteuning bij kanker hangt samen met psychische gezondheid

Bij mensen met kanker is het vooral emotionele ondersteuning die positief samenhangt met de psychische gezondheid. Dit betekent dat een omgeving met meer mensen die een luisterend oor bieden, meeleven, opvangen en troosten, vaak samengaat met beter psychisch welbevinden. Dit beter psychisch welbevinden uit zich in minder depressief zijn, minder piekeren en meer emotioneel evenwicht (Helgeson & Cohen, 1996).

Te veel uit handen nemen verstoort bloedglucose en psychische toestand bij diabetes

Bij diabetespatiënten is aangetoond dat door een “overbeschermende” partner zowel de lichamelijke als de psychische toestand van de patiënt verslechtert. Meer specifiek: patiënten ervaren meer aan de ziekte gerelateerde stress en het bloedglucosegehalte is niet optimaal (Hagedoorn et al., 2006). Een overbeschermende partner is een partner die volgens de patiënt te veel uit handen neemt. Dit is een indicator voor ontevredenheid met de hoeveelheid verkregen steun.

Naar boven

.

Bronnen en Literatuur

Literatuur

  • Barth J, Schneider S, Von Kanel R.Lack of social support in the etiology and the prognosis of coronary heart disease: A systematic review and meta-analysis. Psychosomatic Medicine, 2010; 72(3): 229-38.
  • Chida Y, Hamer M, Wardle J, Steptoe A.Do stress-related psychosocial factors contribute to cancer incidence and survival? Nature Clinical Practice Oncology, 2008; 5: 466-75.
  • Coyne JC, Rohrbaugh MJ, Shoham V, Sonnega JS, Nicklas JM, Cranford JA.Prognostic importance of marital quality for survival of congestive heart failure. The American Journal of Cardiology, 2001; 88: 526-9.
  • Croezen S, Haveman-Nies A, Picavet HS, Smid EA, De Groot CP, Van 't Veer P, et al.Positive and negative experiences of social support and long-term mortality among middle-aged Dutch people. American Journal of Epidemiology, 2010; 172(2): 173-9.
  • Edelman S.Relationship between psychological factors and cancer: An update of the evidence. Clinical Psychologist, 2005; 9: 45-53.
  • Enns MW, Cox BJ, Clara I.Parental bonding and adult psychopathology: Results from the US national comorbidity survey. Psychological Medicine, 2002; 32: 997-1008.
  • Everson-Rose SA, Lewis TT.Psychosocial factors and cardiovascular diseases. Annu Rev Public Health, 2005; 26: 469-500.
  • Garssen B.Psychological factors and cancer development: Evidence after 30 years of research. Clinical Psychology Review, 2004b; 24: 315-38.
  • Hagedoorn M, Keers JC, Links TP, Bouma J, Maaten JC ter, Sanderman R.Improving self-management in insulin-treated adults participating in diabetes education: The role of overprotection by the partner. Diabetic Medicine, 2006; 23: 271-7.
  • Helgeson VS, Cohen S.Social support and adjustment to cancer: Reconciling descriptive, correlational, and intervention research. Health Psychology, 1996; 15: 135-48.
  • Holt-Lunstadt J, Smith TB, Layton JB.Social relationships and mortality risk: A meta-analytic review. PLoS Medicine / Public Library of Science, 2010; 7: e1000316.
  • Kuper H, Marmot M, Hemingway H.Systematic review of prospective cohort studies of psychosocial factors in the etiology and prognosis of coronary heart disease. Semin Vasc Med, 2002; 2: 267-314.
  • Luttik ML, Jaarsma T, Moser D, Sanderman R, Veldhuisen DJ van.The importance and impact of social support on outcomes in patients with heart failure: An overview of the literature. Journal of Cardiovascular Nursing, 2005; 20: 162-9.
  • Nausheen B, Gidron Y, Peveler R, Moss-Morris R.Social support and cancer progression: A systematic review. Journal of Psychosomatic Research, 2009; 67: 403-15.
  • Pinquart M, Duberstein PR.Associations of social networks with cancer mortality: A meta-analysis. Critical Reviews in Oncology-Hematology, 2010; 75(2): 122-37.
  • Plaisier I, De Bruijn JGM, De Graaf R, Ten Have M, Beekman ATF, Penninx BWJH.The contribution of working conditions and social support to the onset of depressive and anxiety disorders among male and female employees. Social Science and Medicine, 2007; 64(2): 401-10.
  • Seeman TE.Health promoting effects of friends and family on health outcomes in older adults. American Journal of Health Promotion 2000; 14: 362-70.
  • Sherman DK, Kim HS, Taylor SE.Culture and social support: Neural bases and biological impact. Progress in Brain Research, 2009; 178: 227-37.
  • Suurmeijer TPBM, Sonderen FLP van, Krol B, Doeglas DM, Heuvel WJA van den, Sanderman R.The relationship between personality, supportive transactions and support satisfaction, and mental health of patients with early rheumatoid arthritis: Results from the Dutch part of the Euridiss study. Social Indicators Research, 2005; 73: 179-97.
  • Vollebergh WAM, Graaf R de, Have M ten, Schoemaker CG, Dorsselaer S van, Spijker J, et al.Psychische stoornissen in Nederland: overzicht van de resultaten van NEMESIS. Utrecht: Trimbos-instituut, 2003.
  • Wiefferink CH, Peters L, Hoekstra F, Dam G ten, Buijs GJ, Paulussen TGWM.Clustering of health-related behaviors and their determinants: Possible consequences for school health interventions. Prevention Science, 2006; 7: 127-49.

Begrippen en afkortingen

Definities

Emotionele ondersteuning
Voorbeelden van emotionele ondersteuning zijn: als anderen genegenheid tonen, een luisterend oor bieden, je opvrolijken, een duwtje in de goede richting geven, aansporen tot volhouden, je geruststellen of goede raad geven.
Gezelschap
Sociale steun in de vorm van gezelschap is bijvoorbeeld als iemand je vraagt ergens aan mee te doen, zomaar opbelt of je aanspreekt voor een praatje, op bezoek komt, met je op stap gaat of je uitnodigt voor een feestje of etentje.
Instrumentele ondersteuning
Instrumentele ondersteuning houdt in dat anderen je ergens heen brengen, je iets lenen, informatie geven over waar je iets kunt krijgen, hulp geven in bijzondere gevallen als ziekte, advies geven bij huishoudelijke problemen of praktische hulp bieden zoals boodschappen voor je doen.
Negatieve sociale interacties
Voorbeelden van negatieve sociale interacties zijn anderen die koel reageren, afspraken niet nakomen, afkeurende opmerkingen of verwijten maken, je onrechtvaardig behandelen, onredelijke eisen stellen en bemoeizuchtig zijn.
Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 4.7, 22 maart 2012
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.