Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Nationaal Kompas Volksgezondheid
Sociale steun
Geografische verschillen

Sociale steun: Zijn er verschillen tussen Nederland en andere landen?

Ervaren van sociale steun in Nederland het hoogst

In Nederland is het percentage mensen dat veel sociale steun ervaart met 34,4% hoger dan in andere EU-landen (zie figuur 1). Nederland behoort samen met Denemarken (31,1%), Zweden (28,4%), Ierland (28,2%) en Groot-Brittannië (24,4%) bij de top vijf. Het percentage mensen dat veel sociale steun ervaart is het laagst in Finland (8,5%). Finland hoort samen met Italië (9,1%), Griekenland (10,1%), Portugal (10,8%) en Frankrijk (13,5%) bij de vijf laagst scorende EU-landen. Dit blijkt uit de Eurobarometer, waarvoor in 2002 ongeveer 1.000 mensen van 15 jaar en ouder per land zijn ondervraagd (EORG, 2003b). In dit onderzoek is sociale steun gemeten als een combinatie van de beschikbaarheid van hulp van buren indien nodig, aantal mensen op wie gerekend kan worden bij ernstige problemen en mate van betrokkenheid van anderen bij bestaande bezigheden. Deze manier van meten wordt ook wel de'Oslo 3-item social support scale' genoemd. Bevindingen uit de European Social Survey uit 2003 laten ook zien dat Nederlanders in vergelijking met andere Europese landen relatief veel emotionele steun ervaren (Von dem Knesebeck & Geyer, 2007).

Figuur 1: Percentage mensen dat veel a, gemiddeld en weinig steun ervaart in dertien EU-landen (Bron: EORG, 2003b).

Percentage mensen dat veel, gemiddeld en weinig sociale steun ervaart in 13 EU-landen

a geordend op grond van het percentage mensen dat veel steun ervaart

Nederlandse kinderen praten gemakkelijk met hun ouders

In Nederland is het percentage kinderen van 11, 13 en 15 jaar dat aangeeft gemakkelijk met ouders over problemen te kunnen praten relatief hoog. Afhankelijk van de leeftijd van het kind en of het om het praten met vader of moeder gaat, ligt het percentage tussen 71% en 94%. Ter vergelijking: in Wallonië (België) ligt dit percentage tussen 47% en 72% (Pedersen et al., 2004). Dit blijkt uit onderzoek naar de gezondheid van schoolgaande kinderen, waarbij naast Nederland ook andere landen binnen Europa, Canada en de VS zijn onderzocht.

Meerderheid Nederlandse kinderen vindt klasgenoten hulpvaardig

Nederlandse kinderen ervaren ook veel steun vergeleken met andere Europese kinderen. Zo beoordeelt meer dan 80% van de 11-, 13- en 15-jarige Nederlandse kinderen hun klasgenoten als hulpvaardig (Currie et al., 2008).

.

Bronnen en Literatuur

Literatuur

  • Currie C, Gabhainn SN, Godeau E, Roberts C, Smith R, Currie D (red.).Inequalities in young people's health. HBSC International report from the 2005/2006 survey. Copenhagen: WHO Regional Office for Europe, 2008.
  • EORG, European Opinion Research Group.The mental health status of the European population (Eurobarometer 58,2). Brussel: Europese Commissie, 2003b.
  • Pedersen M, Alcón MCG, Rodriguez MC, Smith R.Family. In: Currie C, Roberts C, Morgan A, Smith R, Settertobulte W, Samdal O (eds.). Young people’s health in context. Health Behaviour in School-aged Children (HBSC) study: international report from the 2001/2002 survey. Kopenhagen: WHO Regional Office for Europe, 2004: 26-33.
  • Von dem Knesebeck O, Geyer S.Emotional support, education and self-rated health in 22 European countries. BMC Public Health, 2007; 7: 272.

Begrippen en afkortingen

Afkortingen

EU
Europese unie
Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 4.7, 22 maart 2012
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.