Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Nationaal Kompas Volksgezondheid
Roken
Omvang van het probleem

Hoeveel mensen roken?

Iets meer dan een kwart van de Nederlanders rookt

In 2010 rookte 27% van alle Nederlanders van 15 jaar en ouder wel eens of dagelijks (zie figuur 1). Er roken meer mannen (28%) dan vrouwen (26%). Dit geldt voor alle leeftijdsgroepen. Mannen (34%) zijn ook vaker ex-roker dan vrouwen (27%). Vrouwen hebben dus met 47% vaker nooit gerookt dan mannen (38%) (zie figuur 1).

In 2010 was het gemiddeld dagelijks aantal sigaretten bij rokers van 15 jaar en ouder 14 sigaretten. Er is nauwelijks verschil tussen mannen (gemiddeld 14,5 sigaretten) en vrouwen (13,9 sigaretten) (STIVORO, 2010c).

Laagste percentage rokers onder ouderen

Onder ouderen is het percentage rokers lager dan onder de rest van de volwassen bevolking. Het percentage rokers is het laagst onder 75-plussers (10% rokers bij de mannen en 9% bij de vrouwen) en het hoogst onder 25-34-jarige mannen (36%) (zie figuur 2). Vooral onder de hogere leeftijdsgroepen zijn veel ex-rokers. Van de vrouwen boven de 50 jaar is ruim 40% ex-roker. Bij mannen ligt dit percentage hoger: 48% van de 50-64-jarigen, 65% van de 65-74-jarigen en 74% van de mannen van 75 jaar en ouder is ex-roker.

Zie detailsachtergrondinformatie bij de gegevensbronnen voor meer informatie over de gebruikte gegevens.

Ruim één op de vijf jongeren rookte de afgelopen vier weken

In 2010 gaf 21% van de jongeren (10-19-jarigen) aan dat ze de afgelopen vier weken hebben gerookt (zie figuur 3). Het percentage jongens dat de afgelopen vier weken heeft gerookt (22%) verschilt nauwelijks van het percentage bij de meisjes (20%). Tot 13 jaar roken weinig jongeren. Daarna neemt het percentage jongeren dat in de afgelopen vier weken gerookt heeft snel toe tot 41% van de 18-jarigen en 39% van de 19-jarigen.

STIVORO hanteert het ‘vier weken criterium’ om te bepalen of een jongere een roker is. In 2010 gaf 40% van de jongeren van 10-19 jaar aan ooit gerookt te hebben, en 13% rookt dagelijks (STIVORO, 2010b).

Passief roken komt veel voor

In Nederland wordt naar schatting 18% tot 40% van de niet-rokende bevolking boven de 15 jaar dagelijks blootgesteld aan tabaksrook van anderen (passief roken) (Van Gelder et al., 2008). In 31% van de gezinnen met kinderen in de leeftijd van 4 tot en met 12 jaar oud wordt er binnenshuis gerookt. Het gaat om ongeveer 555.000 kinderen in de leeftijd van 4 tot en met 12 jaar die niet in een rookvrij huis wonen en dus in meerdere of mindere mate meeroken (STIVORO volwassenen, 2009/2010). Minstens 14% van de zwangeren rookt in zekere mate passief mee met anderen en minstens 7% van de foetussen heeft een rokende moeder (Van Gelder et al., 2008).

Zie ook: Icoon interne verwijzing naar onderwerpBinnenmilieu

Figuur 1: Percentage ex-rokers, nooit-rokers en rokers naar geslacht in 2010 (Bron: STIVORO volwassenen).

Percentage ex-rokers, nooit-rokers en rokers naar geslacht in 2010

Figuur 2: Percentage rokers naar leeftijd en geslacht in 2010 (Bron: STIVORO volwassenen).

roken naar leeftijd en geslacht 2010

Figuur 3: Percentage jongeren a (10-19-jarigen) dat in 2010 aangeeft de afgelopen vier weken gerookt te hebben, naar leeftijd (Bron: STIVORO jeugd).

roken naar leeftijd jeugd

a Vanwege te kleine aantallen in de steekproef is geen onderscheid gemaakt naar jongens en meisjes.

.
Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 4.6.1, 31 januari 2012
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.