Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Nationaal Kompas Volksgezondheid
Alcoholgebruik
De determinant, gezondheidsgevolgen en oorzaken

Wat zijn de mogelijke gezondheidsgevolgen van alcoholgebruik?

Gevolgen voor het individu Verschillen tussen individuen

Gevolgen voor het individu

Totale consumptie en drinkpatroon hebben beide invloed op gezondheid

Het risico op gezondheidsschade door alcohol hangt af van het totale alcoholgebruik van de drinker, maar ook van het drinkpatroon dat iemand heeft. Het drinkpatroon houdt in hoeveel alcohol iemand per keer drinkt en hoe vaak. In het algemeen geldt (Anderson & Baumberg, 2006; Rehm et al., 2004; Rehm et al., 2003; WHO, 2004c):

  • Hoe hoger de totale consumptie van alcohol, hoe groter het risico op schade.
  • Hoe meer alcohol per keer wordt gedronken, des te ernstiger de schade (de aandoening of verwonding).

Ter illustratie: stel dat twee personen allebei 25 glazen bier per week drinken. Ze lopen toch verschillende gezondheidsrisico's wanneer de ene persoon dat bier op vrijdag- en zaterdagavond drinkt en de andere persoon het verspreid over de week drinkt. Bij de eerste persoon is bijvoorbeeld het risico op hersenschade, alcoholvergiftiging en ongevallen hoger dan bij iemand die minder drinkt. Terwijl de tweede persoon vooral een hoger risico heeft op chronische gezondheidsschade die zich op lange termijn openbaart, zoals kanker.

Alcoholgebruik heeft invloed op ongeveer zestig aandoeningen

Alcoholgebruik heeft invloed op bijna alle organen in het lichaam en hangt samen met ongeveer zestig verschillende aandoeningen (Cargiulo, 2007; Anderson & Baumberg, 2006; Room et al., 2005). Hieronder vallen zowel chronische aandoeningen als acute aandoeningen en verwondingen.

Voor meeste aandoeningen hoger risico bij hoger alcoholgebruik

Voor de meeste aandoeningen geldt: hoe meer alcohol gedronken wordt, des te groter het risico op die aandoening. Voor een aantal aandoeningen geldt dat vooral langdurig hoog alcoholgebruik bijdraagt aan een hoger risico.

Voor een kleine groep van aandoeningen geldt dat een gemiddeld drinkniveau van één tot enkele glazen per dag een lager risico geeft, terwijl meer drinken weer aan hogere risico's bijdraagt (onder meer coronaire hartziekten, diabetes mellitus type II en dementie). Daarbij hangt alcoholgebruik samen met problemen die consequenties hebben voor anderen, zoals bijvoorbeeld huwelijksproblemen. Zie tabel 1 voor een opsomming.

Alcoholgebruik heeft meer negatieve dan positieve gevolgen

Alles bij elkaar genomen heeft alcoholgebruik meer negatieve dan positieve gevolgen. De risicoverlagende effecten van alcoholgebruik gelden namelijk niet alleen voor een klein aantal aandoeningen, maar ook voor een kleine groep mensen. De risicoverlagende effecten overheersen de risicoverhogende effecten van alcoholgebruik alleen bij mensen vanaf middelbare leeftijd, die dagelijks en zeer matig drinken (enkele glazen per dag of minder) (Klatsky & Udaltsova, 2007; Friesema, 2006; Anderson & Baumberg, 2006; White et al., 2002). Bovendien neemt het gunstige effect van matig alcohol drinken waarschijnlijk weer af op zeer hoge leeftijd (Anderson & Baumberg, 2006; NIGZ, 2005g).

Effect van matig alcoholgebruik deels gevolg van verstoringen in onderzoek

Een deel van het risicoverlagende effect van matig alcoholgebruik is het resultaat van verstoringen in onderzoek. De daadwerkelijke positieve gevolgen van matig gebruik zijn kleiner dan ze lijken (Fillmore et al., 2007; Friesema et al., 2007). Een mogelijke verstoring is het consequent meetellen van ex-drinkers bij de groep van niet-drinkers. Een groep niet-drinkers kan gezonder zijn dan een groep matige drinkers, doordat de eerste groep veel ex-drinkers met gezondheidsproblemen bevat. Zie ook: Wat is alcoholgebruik en hoe wordt het gemeten?.

Zie voor meer informatie het hoofdstuk 'Alcohol' in het Jaarbericht Nationale Drug Monitor 2010 (Van Laar et al., 2008) van het urlTrimbos-instituut.

Alcohol draagt sterk bij aan de totale ziektelast

In vergelijking tot andere leefstijlfactoren draagt alcoholgebruik relatief sterk bij aan de totale ziektelast in DALY's. Na roken (13%), overgewicht (9,7%) en verhoogde bloeddruk (7,8%) komt alcoholgebruik namelijk op de vierde plaats van determinanten van ziekten, met een bijdrage van 4,5%. Mensen die te veel alcohol drinken verliezen gemiddeld genomen 0,6 levensjaren en 0,9 gezonde levensjaren. Dat is minder dan het verlies aan levensjaren en gezonde levensjaren voor rokers en mensen die te zwaar zijn (Hoeymans et al., 2010). Overigens is bij de berekening van de ziektelast in DALY's niet alle alcoholgerelateerde gezondheidsschade meegerekend. De berekeningen zijn gedaan op basis van 56 ziekten. De bijdrage van ongevallen is niet meegeteld.

Zie ook: object_document_1Alcoholafhankelijkheid: Hoe vaak komt het voor en hoeveel mensen sterven eraan?

Naar boven

Tabel 1: Aandoeningen en gevolgen waar alcoholgebruik mee samenhangt (Bron: Anderson & Baumberg, 2006, tenzij anders aangegeven).

Aandoeningen

Opmerkingen

Alcoholgebruik verhoogt het risico op deze aandoeningen

- verminderd sociaal welzijn (negatieve sociale consequenties; verminderde arbeidsprestaties)

- opzettelijke en niet-opzettelijke verwondingen (crimineel gedrag; rijden onder invloed; ongevallen; suïcide)

voor crimineel gedrag, ongevallen en suïcide is het verband met 'binge drinken' sterker dan met alcoholgebruik in het algemeen

- neuropsychiatrische aandoeningen (angst- en slaapstoornissen; depressie; alcoholafhankelijkheid; zenuwschade; hersenschade; cognitieve schade en dementie)

zenuwschade en hersenschade treden vooral op bij mensen met langdurig zeer hoog alcoholgebruik

- gastrointestinale, metabolische en endocriene aandoeningen (levercirrhose; pancreatitis; type II diabetes; overgewicht; jicht)

type II diabetes mellitus hoort bij de aandoeningen waarop lage consumptie risicoverlagend werkt, maar een hogere weer meer risico geeft

- kanker (maagdarmkanaal; leverkanker; borstkanker; prostaatkanker a; NPC b

alcoholgebruik heeft een exponentieel verband met leverkanker

- hart- en vaatziekten (verhoogde bloeddruk; bloedig en niet-bloedig infarct; onregelmatig hartritme; coronaire hartziekten; ziekte van de hartspier)

een bloedig infarct en coronaire hartziekten horen bij de aandoeningen waarop lage consumptie risicoverlagend werkt, maar een hogere weer meer risico geeft; infarcten en onregelmatig hartritme hebben een sterker verband met 'binge drinken'

- verminderde weerstand (ontvankelijk voor infecties)

alcohol kan de normale functies van het immuunsysteem verstoren

- longziekten (verhoogd risico op ernstige acute ademhalingsproblemen)

hangt samen met alcoholafhankelijkheid

- post-operatieve complicaties

- vroege leeftijdsgebonden maculadegeneratie (LMD) c

het drinken van meer dan drie glazen per dag is geassocieerd met een verhoogd risico

- aandoeningen aan het bewegingsapparaat (breuken en spierziekten)

het risico op botbreuken is sterker bij mannen dan bij vrouwen; hogere niveaus van alcoholgebruik hangen samen met een verhoogd risico op spierziekten

- vruchtbaarheidsaandoeningen, zowel voor man als vrouw

Alcoholgebruik heeft mogelijk een gunstig of risicoverlagend effect op deze aandoeningen

- sociaal welzijn (plezier; werk)

alcoholgebruik hangt samen met positieve gevoelens; matig alcoholgebruik is gerelateerd aan minder ziekteverzuim dan niet-drinken, terwijl hoger alcoholgebruik juist weer met meer verzuim samenhangt (mogelijk doordat niet-drinkers meer gezondheidsproblemen hebben)

- neuropsychiatrische aandoeningen (cognitief functioneren; dementie)

studies laten wisselende resultaten zien, waarbij sommige wel een risicoverlaging door laag alcoholgebruik laten zien en andere niet

- gastrointestinale, metabolische en endocriene aandoeningen (galstenen; type II diabetes mellitus)

studies laten wisselende resultaten zien, waarbij sommige wel een risicoverlaging door laag alcoholgebruik laten zien en andere niet

- hart- en vaatziekten (bloedig infarct; coronaire hartziekten)

risicoverlagend effect treedt op bij consumptie tot ongeveer 20 gram alcohol (twee glazen) per dag; er zijn biologische verklaringen, maar de sterkte van het verband is mogelijk overschat door meetproblemen en het niet corrigeren voor verstoringen; uit een recente meta-analyse blijkt dat bij mensen met een onregelmatig of binge drinkpatroon het gunstige effect zich beperkt tot een lage gemiddelde consumptie, terwijl mensen met een regelmatig drinkpatroon ook bij hogere consumptie een gunstig effect hebben d

- aandoeningen aan het bewegingsapparaat (sterkte van botten bij vrouwen)

er is enig bewijs dat vrouwen met een lage alcoholconsumptie sterkere botten hebben dan niet-drinkers

Alcoholgebruik verhoogt het risico op deze negatieve gevolgen voor anderen

- negatieve sociale consequenties

- geweld en crimineel gedrag

- huwelijksproblemen

- kindermishandeling

- arbeidsgerelateerde schade

- rijden onder invloed

- prenatale aandoeningen door drinken van de moeder (bijvoorbeeld spontane abortus of neurologische schade bij het kind)

a Middleton Fillmore et al., 2009; b Chen et al., 2009a; c Chong et al., 2008; d Bagnardi et al., 2008

Naar boven


Verschillen tussen individuen

Gevolgen verschillen voor mannen en vrouwen

De gevolgen van alcoholgebruik voor de gezondheid zijn niet voor iedereen hetzelfde: risico's zijn bijvoorbeeld verschillend voor mannen en vrouwen. Dit heeft te maken met een andere lichaamssamenstelling en met een ander alcoholmetabolisme bij vrouwen. Hierdoor hebben vrouwen bij hetzelfde alcoholgebruik, een hoger risico op schade dan mannen. Hier komt nog bij dat vrouwen over het algemeen kleiner van stuk zijn, waardoor ze met dezelfde consumptie gemiddeld een hoger promillage in het bloed krijgen dan mannen (Kerr-Corrêa et al., 2007). Alcoholgebruik door zwangeren kan invloed hebben op de ontwikkeling van de vrucht. Het kan leiden tot meer kans op schadelijk drinkgedrag bij de kinderen als die alweer volwassen zijn (Baer et al., 2003).

Gevolgen verschillen voor jong en oud

De gevolgen zijn ook verschillend voor mensen van verschillende leeftijden. Voor (ongeboren) kinderen en jongvolwassenen geldt dat ze gevoeliger zijn voor de risico's van alcoholgebruik doordat hun lichaam kleiner is, en omdat hun lichaam nog in ontwikkeling is. Het lichaam kan daarom niet alleen schade oplopen, maar ook in de ontwikkeling gestoord worden, onder meer door effect op de hersenontwikkeling. Dit kan zich bijvoorbeeld uiten in gedragsproblematiek of in een hogere gevoeligheid voor alcoholafhankelijkheid op latere leeftijd (Carpenter-Hyland & Chandler, 2007; Verdurmen et al., 2006b). Voor mensen van middelbare leeftijd geldt dat ze vaker positieve gevolgen kunnen hebben van matig alcoholgebruik. Bij het ouder worden nemen de risico's juist weer toe, door lichamelijke veranderingen en door een verhoogd risico op valongelukken en risicovolle combinaties met medicijnen (Zantinge et al., 2011).

Naar boven

.

Bronnen en Literatuur

Literatuur

  • Anderson P, Baumberg B. Alcohol in Europe: a public health perspective. London: Institute of Alcohol Studies,2006.
  • Baer JS, Sampson PD, Barr HM.A 21-year longitudinal analysis of the effects of prenatal alcohol exposure on young adult drinking. Arch Gen Psychiatry, 2003; 60: 377-385.
  • Bagnardi V, Zatonski W, Scotti L, Vecchia C la, Corrao G.Does drinking pattern modify the effect of alcohol on the risk of coronary heart disease? Evidence from a meta-analysis. J Epidemiol Community Health, 2008; 62: 615-619.
  • Cargiulo T.Understanding the health impact of alcohol dependence. Am J Health-Syst Pharm, 2007; 64(Supll 3): s5-s11.
  • Carpenter-Hyland EP, Chandler J.Adaptive plasticity of NMDA receptors and dendritic spines: Implications for enhanced vulnerability of the adolescent brain to alcohol addiction. Pharmacol Biochem Behav, 2007; 86: 200-208.
  • Chen L, Gallicchio L, Boyd-Lindsley K, Tao X, Robinson KA, Kim Lam T, et al.Alcohol consumption and the risk of nasopharyngeal carcinoma: A Systematic Review. Nutrition and Cancer, 2009a; 61(1): 1-15.
  • Chong EWT, Kreis AJ, Wong TY, Simpson JA, Guymer RH.Alcohol consumption and the risk of age-related macular degeneration: A systematic review and meta-analysis. Am J Ophthalmol, 2008; 145(4): 707-715.
  • Fillmore KF, Stockwell T, Chikritzhs T, Bostrom A, Kerr W.Moderate alcohol use and reduced mortality risk: systematic error in prospective studies and new hypothesis. Ann Epidemiol, 2007; 17(5): 16-23.
  • Friesema IHM, Zwietering PJ, Veenstra MY, Knottnerus JA, Garretsen HFL, Lemmens PHHM.Alcohol intake and cardiovascular disease and mortality: the role of pre-existing disease. J Epidemiol Community Health, 2007; 61: 441-446.
  • Friesema IHM.Alcohol and cardiovascular disease: a longitudal study on impact of intake measurement and health status. Maastricht: Universiteit Maastricht, 2006.
  • Hoeymans N, Melse JM, Schoemaker CG (red.). Gezondheid en determinanten. Deelrapport van de Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2010 Van gezond naar beter. RIVM-rapport nr. 270061006. Bilthoven: RIVM,2010.
  • Kerr-Corrêa F, Igami TZ, Hiroce V, Tucci AM.Patterns of alcohol use between genders: a cross-cultural evaluation. J Affect Disord, 2007; 102: 265-75.
  • Klatsky AL, Udaltsova N.Alcohol drinking and total mortality risk. Ann Epidemiol, 2007; 17(5S): S63-S67.
  • Laar MW van, Cruts AAN, Verdurmen JEE, Ooyen-Houben MMJ van, Meijer RF (red.).Nationale Drug Monitor. Jaarbericht 2007. Utrecht: Trimbos-instituut, 2008.
  • Middleton Fillmore K, Chikritzhs T, Stockwell T, Bostrom A, Pascal R.Alcohol use and prostate cancer: A meta-analysis. Mol Nutr Food Res, 2009; 53: 240–255.
  • NIGZ, Nationaal Instituut voor Gezondheidsbevordering en Ziektepreventie.Alcohol en ouderen. Factsheet. Woerden: NIGZ, 2005g.
  • Rehm J, Graham K, Monteiro M, Gmel G, Sempos CT.The relationship of average volume of alcohol consumption and patters of drinking to burden of disease: an overview. Addiction, 2003; 98: 1209-1228.
  • Rehm J, Room R, Monteiro M, Gmel G, Graham K, Rehn N, et al.Alcohol use. In: Ezzati M, Lopez AD, Rodgers A, Murray CHL (red). Comparative quantification of health risks: global and regional burden of disease attributable to selected major risk factors. Geneva: WHO, 2004; 1.
  • Room R, Babor T, Rehm J.Alcohol and public health. Lancet, 2005; 365: 519-530.
  • Verdurmen J, Abraham M, Planije M, Monshouwer K, Dorsselaer S van, Schulten I, et al.Alcoholgebruik en jongeren onder de 16 jaar: schadelijke effecten en effectiviteit van alcoholinterventies. Utrecht: Trimbos-instituut, 2006b.
  • White IR, Altman DR, Nanchahal K.Alcohol consumption and mortality: modelling risks for men and women at different ages. BMJ, 2002; 325: 191.
  • WHO, World Health Organization.WHO Global Status Report on Alcohol 2004. Geneve: WHO, 2004c.
  • Zantinge EM, Wilk EA van der, Wieren S van, Schoemaker CG (redactie) Gezond ouder worden in Nederland. Bilthoven: RIVM,2011.

Begrippen en afkortingen

Afkortingen

NPC
Nasopharynxcarcinoom
Kanker van de neuskeelholte.
Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 4.7, 22 maart 2012
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.