Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Nationaal Kompas Volksgezondheid
Gehoorstoornissen
Omvang van het probleem

Gehoorstoornissen: Prevalentie en incidentie naar leeftijd en geslacht

Prevalentie en incidentie lawaai- en ouderdomsslechthorendheid in de huisartspraktijk Gesprek met één ander persoon kunnen voeren Gesprek in groep kunnen volgen

Prevalentie en incidentie lawaai- en ouderdomsslechthorendheid in de huisartspraktijk

Figuur 1: Incidentie (per 1.000) van lawaai- en ouderdomsslechthorendheid in 2007 naar leeftijd en geslacht (bronnen staan onder tabel 1).

slechthorendheid_incidentie_2007

Figuur 2: Puntprevalentie (per 1.000) van lawaai- en ouderdomsslechthorendheid op 1 januari 2007 naar leeftijd en geslacht (bronnen staan onder tabel 2).

slechthorendheid_prevalentie_2007

Tabel 1: Incidentie van lawaai- en ouderdomsslechthorendheid in 2007 naar leeftijd en geslacht (bronnen staan onder de tabel).

Incidentie per 1.000

Incidentie absoluut

Leeftijdsklasse

mannen

vrouwen

mannen

vrouwen

0-4

0,99

0,72

487

339

5-9

0,68

0,50

350

244

10-14

0,54

0,39

271

188

15-19

0,49

0,36

252

175

20-24

0,51

0,37

249

177

25-29

0,58

0,42

287

209

30-34

0,73

0,53

382

278

35-39

0,98

0,72

636

456

40-44

1,40

1,02

928

659

45-49

2,08

1,52

1.303

936

50-54

3,18

2,32

1.817

1.309

55-59

4,93

3,59

2.734

1.958

60-64

7,41

5,40

3.569

2.584

65-69

11,22

8,20

3.936

2.996

70-74

16,18

11,84

4.413

3.722

75-79

22,08

16,17

4.495

4.470

80-84

28,20

20,66

3.507

4.465

85+

32,96

24,10

2.437

4.668

Totaal alle leeftijden

3,96

3,60

32.053

29.835

Ondergrens 95%-betrouwbaarheid

2,83

2,57

22.884

21.283

Bovengrens 95%-betrouwbaarheid

5,57

5,07

45.095

41.968

Totaal 0-14

0,73

0,54

1.108

771

Totaal 15-64

2,18

1,60

12.157

8.743

Totaal 65+

18,32

14,88

18.788

20.321

Bovenstaande schatting voor de incidentie is gebaseerd op gegevens afkomstig van de huisartsenregistraties CMR-Nijmegen e.o., Transitieproject, RNH en RNUH-LEO.

Uit de registratie van CMR-Nijmegen is E-code 1890 voor doofheid gebruikt. Uit de overige registraties is een cluster van ICPC-codes H84 (ouderdomsslechthorendheid/-doofheid), H85 (lawaaislechthorendheid/-doofheid) en H86 (overige vormen van slechthorendheid/-doofheid) gebruikt. Hierbij is ontdubbeld.

detailsAchtergrond bij de keuze van huisartsenregistraties.

Tabel 2: Prevalentie van lawaai- en ouderdomsslechthorendheid op 1 januari 2007, naar leeftijd en geslacht (bronnen staan onder de tabel).

Puntprevalentie per 1.000

Puntprevalentie absoluut

Leeftijdsklasse

mannen

vrouwen

mannen

vrouwen

0-4

1,32

1,05

654

494

5-9

4,02

3,12

2.066

1.536

10-14

7,72

5,87

3.894

2.823

15-19

10,73

7,99

5.476

3.899

20-24

12,55

9,15

6.130

4.371

25-29

13,65

9,74

6.758

4.813

30-34

14,85

10,36

7.931

5.535

35-39

16,82

11,49

11.000

7.370

40-44

20,36

13,62

13.511

8.801

45-49

26,31

17,26

16.373

10.584

50-54

36,08

23,23

20.561

13.064

55-59

51,62

32,71

28.938

18.005

60-64

73,34

45,96

34.048

21.155

65-69

106,51

66,36

36.837

23.999

70-74

151,17

94,24

40.941

29.604

75-79

209,97

132,17

42.105

36.284

80-84

289,81

186,77

35.658

40.364

85+

390,96

261,99

28.072

49.747

Totaal alle leeftijden

42,15

34,16

340.955

282.448

Ondergrens 95%-betrouwbaarheid

39,06

31,43

315.902

259.905

Bovengrens 95%-betrouwbaarheid

45,55

37,16

368.466

307.314

Totaal 0-14

4,37

3,36

6.614

4.852

Totaal 15-64

27,10

17,85

150.727

97.597

Totaal 65+

181,43

132,71

183.614

179.999

Bovenstaande schatting voor de prevalentie is gebaseerd op gegevens afkomstig van de huisartsenregistraties CMR-Nijmegen e.o. en RNH.

Naar boven


Gesprek met één ander persoon kunnen voeren

Tabel 3: Prevalentie van slechthorendheid in 2007: de mate waarin men een gesprek kan voeren met één ander persoon

Mannen

Vrouwen

Leeftijd

enige moeite %

grote moeite %

kan niet %

enige moeite %

grote moeite %

kan niet %

12-14

1,53

0,00

0,00

3,29

0,00

0,00

15-19

1,68

0,00

0,00

1,05

0,37

0,00

20-24

0,00

0,00

0,00

0,53

0,00

0,00

25-29

0,93

0,48

0,00

0,35

0,00

0,00

30-34

0,82

0,00

0,00

1,43

0,00

0,00

35-39

0,81

0,00

0,00

2,05

0,00

0,00

40-44

2,64

0,00

0,00

1,19

0,00

0,26

45-49

2,04

0,00

0,00

0,83

0,00

0,00

50-54

3,02

0,00

0,77

2,34

0,30

0,36

55-59

3,41

0,00

0,00

1,91

0,00

0,00

60-64

6,02

0,51

0,00

2,93

0,28

0,00

65-69

6,77

0,63

0,00

5,09

0,00

0,00

70-74

6,64

1,39

0,00

5,16

0,00

0,00

75-79

6,41

1,68

1,23

8,82

0,00

1,42

80-84

6,88

3,02

0,00

4,55

0,00

0,00

85+

14,38

2,79

0,00

15,05

0,00

0,00

totaal

2,95

0,28

0,11

2,47

0,07

0,11

Bron: CBS-POLS, gezondheid en welzijn, 2007

Naar boven


Gesprek in groep kunnen volgen

Tabel 4: Prevalentie van slechthorendheid in 2007: de mate waarin men een gesprek kan volgen in een groep van drie of meer personen

Mannen

Vrouwen

Leeftijd

enige moeite %

grote moeite %

kan niet %

enige moeite %

grote moeite %

kan niet %

12-14

4,32

0,00

0,00

3,63

0,00

0,00

15-19

2,74

0,00

0,00

2,67

0,00

0,00

20-24

2,31

0,00

0,00

6,42

0,57

0,00

25-29

7,59

0,00

0,00

4,29

0,35

0,00

30-34

8,73

1,48

0,00

6,68

0,00

0,00

35-39

6,20

1,03

0,00

4,05

0,31

0,60

40-44

8,28

1,57

0,63

4,08

0,65

0,26

45-49

10,53

1,42

0,71

8,56

1,53

0,69

50-54

17,34

2,96

1,16

12,94

3,92

1,05

55-59

17,53

1,80

1,88

15,75

2,45

0,00

60-64

17,13

5,43

1,11

12,49

1,48

1,19

65-69

18,96

4,52

1,71

14,93

3,11

1,19

70-74

28,24

3,65

1,35

24,31

1,35

0,81

75-79

31,27

4,86

2,17

25,20

8,69

3,79

80-84

31,90

5,27

3,02

26,29

6,45

6,08

85+

40,17

10,36

16,52

27,78

9,89

4,73

totaal

12,52

2,06

0,88

10,31

1,80

0,79

Bron: CBS-POLS, gezondheid en welzijn, 2007

Naar boven

.
Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 4.7, 22 maart 2012
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.