U bevindt zich op:Nationaal Kompas Volksgezondheid›Gezondheid en ziekte›Ziekten en aandoeningen›Psychische stoornissen›Depressie›Depressie samengevat
De belangrijkste symptomen van depressie zijn een aanhoudende neerslachtige stemming en een ernstig verlies aan interesse in bijna alle dagelijkse activiteiten. Depressie moet niet worden verward met de 'gewone' neerslachtigheid die iedereen wel eens heeft. De neerslachtigheid bij depressie is heviger en klaart na een paar dagen niet vanzelf op.
In het diagnostische handboek DSM-IV wordt depressie onderverdeeld in de depressieve stoornis en dysthymie. Een depressieve stoornis kan van korte duur zijn (enkele weken tot maanden) maar ook een chronische aard hebben. Dysthymie is een mildere vorm van chronische depressie, met een minimale duur van twee jaar.
Naar schatting waren er in 2007 in Nederland 642.800 mensen van 18 tot 65 jaar die in het jaar daarvoor gedurende enige tijd leden aan een stemmingsstoornis. Daarvan hadden naar schatting 545.100 een depressieve stoornis en 92.300 dysthymie. Ongeveer 82.000 mensen voldeden in het afgelopen jaar aan de criteria voor beide diagnoses. De Nederlandse cijfers komen overeen met die in andere westerse landen.
Er zijn geen aanwijzingen dat het aantal mensen met depressie of depressieve gevoelens de laatste tien jaar is toe- of afgenomen. Uitgaande van de demografische ontwikkelingen zal het absolute aantal nieuwe gevallen van depressieve stoornissen dat de huisarts diagnosticeert tussen 2005 en 2025 met 4% stijgen.
Het aantal mensen met depressie in behandeling is de laatste tien jaar sterk toegenomen. Zo is het aantal bij de huisarts bekende patiënten met depressie van 1994 tot 2007 meer dan verdubbeld. Daarnaast steeg het aantal voorschriften voor antidepressiva van 2,9 miljoen in 1997 tot 6,8 miljoen in 2008. In de tweede helft van 2008 haalden ruim 880.000 mensen in Nederland antidepressiva bij hun apotheek. De huisarts herkent en behandelt steeds meer mensen met depressie. Toch ontvangt meer dan de helft van de mensen met depressie nog altijd geen behandeling.
Depressie is op bevolkingsniveau één van de duurdere ziekten. In 2005 bedroegen de kosten van zorg voor mensen met een depressie 773 miljoen euro. Hiervan ging het grootste deel naar de geestelijke gezondheidszorg (58%), gevolgd door genees- en hulpmiddelen (15%).
Diagnostiek en behandeling gebeuren bij voorkeur volgens de Multidisciplinaire Richtlijn Depressie uit 2005. Afhankelijk van de ernst en de duur van de depressie kan worden gekozen uit praktische ondersteuning, psychotherapie, medicatie of een combinatie van interventies.
De laatste jaren is er steeds meer aandacht voor de preventie van depressie. Van enkele preventieve interventies is inmiddels aangetoond dat ze nieuwe gevallen van depressie daadwerkelijk kunnen voorkomen. Het gaat dan vooral om cursussen in groepsverband voor mensen met beginnende depressieve klachten. Onder de naam ‘In de Put Uit de Put’ worden dergelijke cursussen door de meeste GGZ-instellingen in Nederland aangeboden.