Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Nationaal Kompas Volksgezondheid
Angststoornissen
Omvang van het probleem

Neemt het aantal mensen met angststoornissen toe of af?

Geen aanwijzingen voor toe- of afname angststoornissen

Op basis van herhaald bevolkingsonderzoek in Nederland (NEMESIS-studie) is het niet aannemelijk dat er in Nederland sprake is van een toe- of afname van angststoornissen onder volwassenen van 18 tot 65 jaar. Ook in de Verenigde Staten is zo'n bevolkingsonderzoek herhaald (Kessler et al., 2005a; Schoemaker et al., 2007): de resultaten laten een stabilisatie zien van het aantal mensen van 18 tot 55 jaar met angststoornissen tussen 1990 en 2003 in de VS. Herhaald bevolkingsonderzoek onder adolescenten en ouderen in Nederland ontbreekt vooralsnog. Daarom is de ontwikkeling in het vóórkomen van angststoornissen in deze groepen ongewis.

Angststoornissen steeds beter herkend door huisarts

Het aantal nieuw gediagnosticeerde patiënten én het aantal bekende patiënten met een angststoornis is in de periode 1990-2007 sterk gestegen, vooral onder vrouwen (zie figuur 1 en 2). Dit blijkt uit een langlopende huisartsenregistratie (RNH). Waarschijnlijk heeft dit te maken met een betere herkenning van angststoornissen door de huisarts. Ook speelt mee dat mensen dankzij publieksvoorlichting eerder professionele hulp zoeken. Ondanks deze verbeteringen herkent en behandelt de huisarts het grootste deel van de angststoornissen nog altijd niet (De Graaf et al., 2010a).

Bevolkingsgroei en vergrijzing leiden tot lichte toename angststoornissen

Op basis van alleen demografische ontwikkelingen is de verwachting dat het absoluut aantal personen met angststoornissen in Nederland tussen 2007 en 2025 met 5% zal stijgen.

Voor meer informatie zie: Welke zorg gebruiken patiënten en wat zijn de kosten?

detailsBeschrijving van gebruikte gegevensbronnen

Figuur 1: Jaarprevalentie van angststoornissen bij de huisarts in de periode 1990-2007 (3-jarig voortschrijdend gemiddelde); gestandaardiseerd naar de bevolking van Nederland in 1990 en geïndexeerd (1991 is 100) (Bron: RNH).

jaarprevalentie angst

Figuur 2: Incidentie van angststoornissen bij de huisarts in de periode 1990-2007 (3-jarig voortschrijdend gemiddelde); gestandaardiseerd naar de bevolking van Nederland in 1990 en geïndexeerd (1991 is 100) (Bron: RNH; CMR-Nijmegen e.o.).

incidentie angst
.

Bronnen en Literatuur

Bronnen

Literatuur

  • Graaf R de, Have M ten, Dorsselaer S van.De psychische gezondheid van de Nederlandse bevolking. NEMESIS-2: Opzet en eerste resultaten. Utrecht: Trimbos-instituut, 2010a.
  • Kessler RC, Demler O, Frank RG, Olfson M, Pincus HA, Walters EE, et al.Prevalence and treatment of mental disorders, 1990 to 2003. The New England Journal of Medicine, 2005a; 352(24): 2515-23.
  • Schoemaker C, Have M ten, Sytema S, Verhaak P.Trends in de geestelijke volksgezondheid in Nederland. Een visie gebaseerd op cijfers. Maandblad Geestelijke Volksgezondheid, 2007; 62: 824-835.

Begrippen en afkortingen

Afkortingen

NEMESIS
Netherlands Mental health Survey and Incidence Study (Trimbos-instituut)
In NEMESIS is een grote hoeveelheid informatie verzameld over psychiatrische aandoeningen en het beloop daarvan.
Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 4.7, 22 maart 2012
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.