Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Nationaal Kompas Volksgezondheid
Prostaatkanker
Geografische verschillen

Prostaatkanker: Zijn er verschillen tussen Nederland en andere landen?

Incidentie Sterfte Overleving

Incidentie

Incidentie prostaatkanker in Nederland gemiddeld

De incidentie van prostaatkanker is in Nederland gemiddeld vergeleken met andere landen van de Europese Unie (EU). De incidentie is in Noord-Europa over het algemeen hoger dan in Zuid-Europa (zie figuur 1). Tussen 1995 en 2008 is de incidentie van prostaatkanker flink gestegen in landen waar oudere mannen veel op prostaatkanker worden getest met een prostaat specifiek antigeen (PSA-) bepaling (Ferlay et al., 2010b; Karim-Kos et al., 2008). Vroege opsporing met PSA leidt echter vaak tot vaststelling van een langzaam groeiende tumor in de prostaat die nog niet levensbedreigend is. Door verschillen tussen landen in de intensiteit van het gebruik van PSA-bepalingen, is het moeilijk de verschillen in incidentie goed te interpreteren (Karim-Kos et al., 2008).

Zie ook: object_document_1Neemt het aantal mensen met prostaatkanker toe of af?

Figuur 1: EU-27 landen met de hoogste en de laagste incidentie van prostaatkanker in 2008, gestandaardiseerd naar de standaardwereldbevolking (Bron: Ferlay et al., 2010c).

EU-27 landen met de hoogste en de laagste incidentie van prostaatkanker in 2008, gestandaardiseerd naar de standaard wereldbevolking

Naar boven


Sterfte

Sterfte aan prostaatkanker bovengemiddeld in Nederland

De sterfte aan prostaatkanker is in Nederland relatief hoog (zie figuur 2). In Nederland is de sterfte aan prostaatkanker in de periode 1978-1994 gestegen. Dit geldt ook voor veel andere westerse landen. De toegenomen sterfte aan prostaatkanker blijkt voornamelijk te worden veroorzaakt door een toename van de sterfte onder oudere mannen (65+). Na 1995 is de sterfte door prostaatkanker in de meeste EU-15-lidstaten gedaald, terwijl de sterfte in de Baltische staten en een aantal andere nieuwe EU-lidstaten juist is gestegen (Levi et al., 2004d; Bosetti et al., 2011; La Vecchia et al., 2010). In de landen met een stijging was de sterfte doorgaans lager. Doordat de sterfte in deze landen stijgt, zijn de sterftecijfers van Europese landen meer op elkaar gaan lijken (Bosetti et al., 2011).

Figuur 2: EU-27 landen met de hoogste en de laagste sterfte aan prostaatkanker in 2009; gestandaardiseerd naar de Europese bevolking (Bron: Eurostat, 2011).

EU-27 landen met de hoogste en de laagste sterfte aan prostaatkanker in 2009

Naar boven


Overleving

Overleving gunstig ten opzichte van andere EU-landen

De relatieve 5-jaarsoverleving van prostaatkanker is in Nederland iets gunstiger dan gemiddeld voor een aantal EU-landen (zie figuur 3; EUROCARE-4; Sant et al., 2009). De overleving is hoger dan gemiddeld in Oostenrijk, België en Portugal en lager in Denemarken, Tsjechië, Slovenië, Polen en het Verenigd Koninkrijk. Sinds de introductie van de PSA-bepaling is niet alleen de prostaatkankerincidentie, maar ook de overleving van prostaatkankerpatiënten aanzienlijk gestegen (Sant et al., 2009; Verdecchia et al., 2009).

Verschillen in overleving door verschillen in gebruik van PSA-bepaling

Verschillen in overlevingspercentages tussen landen kunnen het gevolg zijn van verschillen in de zorg voor kankerpatiënten. Voor prostaatkanker hoeft dit echter niet altijd het geval te zijn. Doordat in sommige landen gebruikgemaakt wordt van PSA-bepaling en in sommige landen niet, treden er binnen Europa grote verschillen op. Doordat vroege opsporing met PSA kan leiden tot vaststelling van langzaam groeiende en niet levensbedreigende tumoren, wordt de overleving aanzienlijk verlengd (Karim-Kos et al., 2008).

Zie ook: object_document_1 Zijn er verschillen in preventie en zorg tussen Nederland en andere landen ?

Figuur 3: Relatieve 5-jaarsoverleving (gestandaardiseerd) van prostaatkanker in een aantal EU-27 landen. De diagnose werd gesteld in de periode 1995-1999 (Bronnen: EUROCARE-4; Sant et al., 2009).

Relatieve 5-jaarsoverleving (gestandaardiseerd) van prostaatkanker in een aantal EU-27 landen.

Naar boven

.

Bronnen en Literatuur

Bronnen

Literatuur

  • Bosetti C, Bertuccio P, Chatenoud L, Negri E, La Vecchia C, Levi F.Trends in mortality from urologic cancers in Europe, 1970-2008. Eur Urol, 2011; 60(1): 1-15.
  • Ferlay J, Parkin DM, Steliarova-Foucher E.Estimates of cancer incidence and mortality in Europe in 2008. Eur J Cancer, 2010b; 46(4): 765-81.
  • Ferlay J, Shin HR, Bray F, Forman D, Mathers C, Parkin DM.GLOBOCAN 2008 v1,2, Cancer Incidence and Mortality Worldwide: IARC CancerBase No, 10 [Internet], Beschikbaar op: http: //globocan.iarc.fr, geraadpleegd op 19 oktober 2011. Lyon, France: International Agency for Research on Cancer, 2010c.
  • Karim-Kos HE, de Vries E, Soerjomataram I, Lemmens V, Siesling S, Coebergh JW. Recent trends of cancer in Europe: a combined approach of incidence, survival and mortality for 17 cancer sites since the 1990s. Eur J Cancer2008; 44(10): 1345-89
  • La Vecchia C, Bosetti C, Lucchini F, Bertuccio P, Negri E, Boyle P, et al.Cancer mortality in Europe, 2000-2004, and an overview of trends since 1975. Ann Oncol, 2010; 21(6): 1323-60.
  • Levi F, Lucchini F, Negri E, Boyle P, La Vecchia C.Leveling of prostate cancer mortality in Western Europe. Prostate, 2004d; 60(1): 46-52.
  • Sant M, Allemani C, Santaquilani M, Knijn A, Marchesi F, Capocaccia R.EUROCARE-4. Survival of cancer patients diagnosed in 1995-1999. Results and commentary. Eur J Cancer, 2009; 45(6): 931-91.
  • Verdecchia A, Guzzinati S, Francisci S, De Angelis R, Bray F, Allemani C, et al.Survival trends in European cancer patients diagnosed from 1988 to 1999. Eur J Cancer, 2009; 45(6): 1042-66.

Begrippen en afkortingen

Afkortingen

EU
Europese unie
EU-15
De 15 landen die vóór 1 april 2004 de Europese Unie vormden
België, Denemarken, Duitsland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Ierland, Italië, Luxemburg, Nederland, Oostenrijk, Portugal, Spanje, Verenigd Koninkrijk, Zweden.
EU-27
De 27 landen die vanaf 1 januari 2007 de Europese Unie vormen.
België, Bulgarije, Cyprus, Denemarken, Duitsland, Estland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Hongarije, Ierland, Italië, Letland, Litouwen, Luxemburg, Malta, Nederland, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Slovenië, Slowakije, Spanje, Tsjechië, Verenigd Koninkrijk, Zweden.
PSA
Prostaat specifiek antigeen
Relatieve 5-jaarsoverleving
Relatieve 5-jaarsoverleving
De kans dat iemand vijf jaar na diagnose van een bepaalde ziekte niet aan die ziekte overleden is. Deze kans wordt geschat door deling van de geobserveerde overleving (onafhankelijk van doodsoorzaak) van de patiëntengroep gedeeld door de verwachte overleving van een groep met een zelfde leeftijds- en geslachtsopbouw uit de algemene populatie (op basis van sterftetafels van de algemene bevolking).

Definities

Incidentie
Het aantal nieuwe gevallen van of nieuwe personen met een bepaalde ziekte in een bepaalde periode, absoluut of relatief.
Standaardisatie
Het vergelijkbaar maken van cijfers (bijvoorbeeld sterftecijfers) die betrekking hebben op verschillende jaren of populaties, door rekening te houden met verschillen in bijvoorbeeld leeftijdsverdeling. Een veel gebruikte methode is zogenaamde 'directe standaardisatie', die de leeftijdsspecifieke cijfers van een populatie (de 'indexpopulatie') toepast op de leeftijdsverdeling van een gekozen 'standaardpopulatie'.
Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 4.7, 22 maart 2012
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.