Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Nationaal Kompas Volksgezondheid
Ziekten in het Rijksvaccinatieprogramma

Wat is meningokokken C-infectie en hoe vaak komt het voor?

Ziektebeeld Omvang

Ziektebeeld

Meningokokken C is een bacteriële infectie

Veroorzaker van de meningokokkenziekte is de bacterie Neisseria meningitidis die zich gewoonlijk in de neusholte bevindt (ICD-10-codes zie tabel 1). Daar kan de bacterie oppervlakkige infecties geven, die vaak zonder verschijnselen blijven. Er zijn dertien verschillende serotypen, waarvan C er één is. Besmetting gebeurt door het inademen van microdruppeltjes of via direct contact zoals zoenen. De bacteriën kunnen zich weken tot maanden in de neus- en keelholte handhaven zonder dat de drager ziek wordt. Ook zonder ziekteverschijnselen geldt dat degene die de bacterie heeft, immuniteit opbouwt en een besmettingsbron kan zijn voor anderen. De tijd tussen besmetting en uitbreken van de ziekte ligt meestal tussen één en drie dagen, maar kan soms tot tien dagen oplopen.

Meningokokken C-bacteriën nestelen zich in bloedbaan

De Meningokokken C-bacteriën kunnen zich nestelen in de bloedbaan en in de hersenvliezen, huid, gewrichten en longen. De ziekte leidt in 20 tot 30% van de gevallen tot complicaties met ernstige blijvende verschijnselen, zoals doofheid, motorische problemen en leer- en gedragsproblemen. Deze verschijnselen komen soms pas op de lange duur aan het licht. Meningokokken zijn gevoelig voor antibiotica, maar de ziekte verergert zo snel dat een antibioticumkuur vrijwel altijd achter de feiten aanloopt.

Meningokokken C-infectie kan in korte tijd dodelijk zijn

Meningokokken-infectie is een verraderlijke ziekte door het snelle verloop ervan. De eerste verschijnselen zijn vaak verkoudheid, hangerigheid en een grieperig gevoel. Na het opkomen van de eerste verschijnselen verergert de ziekte snel, met hoge koorts. Een signaal dat duidelijk op ernstige ziekte wijst is nekstijfheid, dit is een symptoom van hersenvliesontsteking. Heel jonge kinderen kunnen luierpijn krijgen. Ze huilen dan heftig bij het verschonen. Een ander alarmsignaal zijn huidbloedinkjes die niet wegdrukbaar zijn. Dit kan duiden op bloedvergiftiging (sepsis). Daarnaast kunnen stollingen in de bloedsomloop optreden, met als gevolg shock en bijnierbloedingen. Dit staat bekend als het syndroom van Waterhouse-Friderichsen en kan in zes tot twaalf uur dodelijk zijn. Van alle meningokokkeninfecties heeft 10 tot 20% een dodelijke afloop.

Sinds 2002 vaccinatie tegen meningokokken-C in RVP

Vaccinatie tegen meningokokken C maakt vanaf september 2002 deel uit van het Rijksvaccinatieprogramma. Kort daarvoor is medio 2002 een eenmalige landelijke vaccinatiecampagne uitgevoerd om kinderen tussen 1-18 jaar te vaccineren tegen meningokokken C. Een meningokokkenziekte C is een meldingsplichtige infectieziekte.

Tabel 1: ICD-10-codes voor meningokokken C.

ICD-10

Beschrijving

A39.0

Meningitis door meningokokken

A39.1

Syndroom van Waterhouse-Friderichsen

A39.2

Acute meningokokkemie

Klik hier voor meer urlpublieksinformatie over meningokokken C.

Naar boven


Omvang

In 2001 toename patiënten door meningokokken

Vóór het vaccinatietijdperk was sprake van een stabiele situatie, met een gemiddeld aantal nieuwe meningokokkeninfecties (alle serotypen) van 3,7 per 100.000 inwoners per jaar in de periode 1993-2000. Dit komt overeen met rond de 550 infecties per jaar. In 2001 was een stijging naar 4,5 meningokokkeninfecties per 100.000 inwoners te zien. Dit komt overeen met ruim 700 infecties per jaar (zie figuur 1). Deze toename werd voornamelijk veroorzaakt door serotype C.

Ook aantal ziekenhuisopnamen vertoont piek in 2001

Het aantal ziekenhuisopnamen als gevolg van meningokokken-infectie lag tot 2001 rond de 800 patiënten per jaar. In 2001 was ook hierbij een stijging waar te nemen naar ruim 1.000. In 2002 was dit aantal weer gedaald naar 827 opnamen. Voor 2001 stierven 18-26 personen aan meningokokken, in 2001 betrof het 31 personen (Abbink et al., 2004).

Vanaf 2002 sterke afname meningokokken C-infecties door vaccinatie

De meeste ziektegevallen door meningokokken C worden waargenomen in de leeftijdsgroepen 1-4 jaar en 15-18 jaar (Abbink et al., 2004). Rijksvaccinatieprogramma (RVP) Door de vaccinatiecampagne in 2002 is in de gevaccineerde leeftijdgroepen het aantal patiënten met serogroep C onmiddellijk sterk afgenomen (De Greeff et al., 2006). Ook in de niet gevaccineerde leeftijdsgroepen daalde het aantal patiënten (zie figuur 2). Sinds invoering van vaccinatie is het aantal gevallen van meningokokken C gedaald naar circa 5-10 per jaar.

Incidentie meningokokken in EU sinds 2000 gedaald

Gezien de daling in het aantal gemelde gevallen van meningokokken, is waarschijnlijk ook de incidentie in de EU sinds 2000 gedaald. Het aantal meldingen varieert licht tussen landen. Ierland (3,8 per 100.000) en het Verenigd Koninkrijk (2,5 per 100.000) meldden in 2007 het hoogste aantal gevallen en Italië het laagste aantal (0,3 per 100.000). Het aantal gevallen in Nederland was vergelijkbaar met het EU-gemiddelde van 1,0 per 100.000. De verschillen tussen landen komen mogelijk doordat de incidentie licht verschilt, maar ook door verschillen in surveillancesysteem en door verschillende diagnostische methoden om verdachte gevallen te bevestigen (ECDC, 2009b).

Figuur 1: Incidentie (per 100.000 inwoners) van meningokokken-infecties naar serogroep in de periode 1993-2005 (Bron: NRBM).

MenCfig1

Figuur 2: Leeftijdsspecifieke incidentie (per 100.000) van meningokokken C-infecties in de periode 2000-2005 (Bron: NRBM).

MenCfig2

Naar boven

.

Bronnen en Literatuur

Bronnen

Literatuur

Begrippen en afkortingen

Afkortingen

ICD
International Classification of Diseases
Internationale classificatie van ziekten.
ICD-10
International Classification of Diseases, tenth revision
Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 4.7, 22 maart 2012
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.