U bevindt zich op:Nationaal Kompas Volksgezondheid›Gezondheid en ziekte›Ziekten en aandoeningen›Infectieziekten en parasitaire ziekten›Hersenvliesontsteking›Hersenvliesontsteking samengevat
De meeste gevallen van hersenvliesontsteking (meningitis) worden veroorzaakt door bacteriën of virussen, een klein aantal door schimmels. Over bacteriële infecties is in Nederland het meest bekend. De belangrijkste bacteriële verwekkers van meningitis zijn de meningokok, de pneumokok en de Hib-bacterie (Haemophilus influenzae type b). Het aantal gevallen van meningokokkenmeningitis (hersenvliesontsteking veroorzaakt door meningokokken) in 2003 wordt geschat op 124 mannen en 99 vrouwen (gecorrigeerd voor 20% onderrapportage). Het aantal gevallen van hersenvliesontsteking door andere bacteriële verwekkers wordt geschat op 241 mannen en 226 vrouwen (gecorrigeerd voor 25% onderrapportage). In het jaar 2003 stierven 41 mannen en 46 vrouwen aan hersenvliesontsteking. Het merendeel hiervan waren kinderen onder de vijf jaar.
Vaccinatie tegen serogroep C-meningokokken is sinds september 2002 opgenomen in het Rijksvaccinatieprogramma. Hierdoor is het aantal nieuwe gevallen van hersenvliesontsteking en sepsis veroorzaakt door meningokokken gedaald. Het aantal nieuwe gevallen van hersenvliesontsteking veroorzaakt door andere verwekkers is in de periode 1998-2003 nagenoeg gelijk gebleven. In 2003 is de sterfte als gevolg van zowel hersenvliesontsteking als sepsis gedaald (respectievelijk met 17 en 53% ten opzichte van 2002).
Sinds juli 1993 worden kinderen ingeënt met een vaccin tegen Haemophilus influenzae type b (Hib). Vanaf de introductie is het jaarlijks aantal gevallen met Hib-meningitis gedaald van ruim 200 rond 1990 tot 11 in 2003. Er zijn jaarlijks nog slechts enkele gevallen van Hib-meningitis bij kinderen onder de vijf jaar.
Vaccinatie is de belangrijkste factor die van invloed is op de trends in hersenvliesontsteking. Voorlopig echter zullen alleen vaccins beschikbaar zijn tegen serogroep C-meningokokken en tegen een deel van de pneumokokken, maar niet tegen de meest voorkomende verwekker van hersenvliesontsteking, serogroep B-meningokokken. Voor hersenvliesontsteking die veroorzaakt wordt door andere verwekkers dan meningokokken blijft het aantal nieuwe gevallen en de sterfte naar verwachting gelijk.