Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Nationaal Kompas Volksgezondheid
Hersenvliesontsteking
De ziekte, de determinanten en de zorg voor de patiënt

Wat is hersenvliesontsteking en wat is het beloop?

Ziektebeeld Beloop

Ziektebeeld

Hersenvliesontsteking wordt veroorzaakt door bacteriën, virussen of schimmels

Hersenvliesontsteking (meningitis) is een ontsteking van de vliezen (meningen) die hersenen en ruggenmerg omgeven. De onderverdeling van hersenvliesontsteking volgens de ICD-9 en ICD-10 is weergegeven in tabel 1. De meeste gevallen van hersenvliesontsteking worden veroorzaakt door bacteriën of virussen, een klein aantal door schimmels. Het is belangrijk te weten of een hersenvliesontsteking bacterieel is of viraal. Er zijn namelijk verschillen in symptomatologie, behandeling en beloop.

Bacteriële hersenvliesontsteking

De belangrijkste bacteriële verwekkers van meningitis zijn de meningokok (Neisseria meningitidis), de pneumokok (Streptococcus pneumoniae) en de Hib-bacterie (Haemophilus influenzae type b). Tot 1994 veroorzaakten deze drie bacteriën zo'n 85% van de gevallen van bacteriële hersenvliesontsteking. De meningokok was daarbij verantwoordelijk voor 44% van de gevallen (Dankert et al., 2001), de Hib-bacterie voor 26% (Van Alphen et al., 1997) en de pneumokok voor 15%. In de eerste levensmaanden worden Escherichia coli en Streptococcus agalactiae (groep B streptokokken) het meest geïsoleerd (Mulder, 1984). Bij infectie met de bacterie Neisseria meningitidis, de meningokok, is sprake van een meningokokkeninfectie. Deze infectie (ook meningokokkenziekte genoemd) kan leiden tot meningitis of tot sepsis (zie ook: Icoon interne verwijzing naar onderwerpmeningokokken C).

Meningokokkemie leidt tot hersenvliesontsteking of sepsis

De meningokok (Neisseria meningitidis) komt bij veel mensen voor als een onschuldige keelbacterie. Bij een enkeling kan de meningokok door het slijmvlies van de keel de bloedbaan bereiken. Dit heet meningokokkemie. Meningokokkemie kan leiden tot meningokokkensepsis. De ziekteverschijnselen zijn te vergelijken met de ziekteverschijnselen die horen bij sepsis veroorzaakt door andere bacteriën (zie ook sepsis). In de meeste gevallen bereikt de meningokok via de bloedbaan de hersenvliezen. Er ontstaat dan hersenvliesontsteking oftewel meningitis. Bij een deel van de patiënten, 10 à 30%, ontstaan kort na het begin van de meningokokkemie zeer ernstige ziekteverschijnselen. De patiënt is slecht aanspreekbaar en op de huid zijn bloedinkjes zichtbaar in de vorm van kleine vlekjes. Bij deze ziekte kan de functie van diverse organen in korte tijd verslechteren, hetgeen in ernstige gevallen binnen een dag de dood tot gevolg kan hebben. Men spreekt dan van fulminante meningokokkensepsis of het syndroom van Waterhouse-Friderichsen. Opvallend is dat bij patiënten met meningokokkensepsis vaak geen hersenvliesontsteking optreedt. Ondanks veel onderzoek is nog niet duidelijk welke factoren bepalen dat meningokokkemie bij de meeste patiënten leidt tot hersenvliesontsteking en bij een klein deel tot fulminante meningokokkensepsis.

Symptomen afhankelijk van verwekker en van leeftijd patiënt

De symptomen van hersenvliesontsteking zijn afhankelijk van de verwekker en van de leeftijd van de patiënt. De belangrijkste symptomen zijn hoofdpijn, koorts en verschijnselen van prikkeling van de hersenvliezen, bijvoorbeeld nekstijfheid. Misselijkheid en braken komen veel voor, stuipen en een verlaagd bewustzijn niet zo vaak. Bij jonge kinderen en ouderen ontbreken vaak de typische verschijnselen zoals nekstijfheid. Bij baby’s kan de fontanel uitpuilen door de verhoogde druk. Bij een infectie door meningokokken ontstaan vaak puntvormige huidbloedinkjes.

Tabel 1: Onderverdeling van hersenvliesontsteking volgens de ICD-9 en ICD-10.

Indeling hersenvliesontsteking

ICD-9

Indeling hersenvliesontsteking

ICD-10

Hersenvliesontsteking veroorzaakt door meningokokken

036.0

Meningitis door meningokokken

A39.0

Hersenvliesontsteking veroorzaakt door (entero)virus

047

Virale meningitis [waaronder A87.0 (meningitis door enterovirus), A87.1 (meningitis door adenovirus) en A87.2 (lymfocytaire choriomeningitis)]

A87

Hersenvliesontsteking veroorzaakt door adenovirus

049.1

Bacteriële meningitis, niet elders gespecificeerd

G00

Bacteriële hersenvliesontsteking

320

Meningitis bij elders geclassificeerde bacteriële ziekten

G01

Hersenvliesontsteking veroorzaakt door overige micro-organismen

321

Meningitis bij elders geclassificeerde overige infectieziekten en parasitaire aandoeningen

G02

Meningitis door overige en niet gespecificeerde oorzaken

G03

Hersenvliesontsteking door niet-gespecificeerde oorzaak

322

Bacteriële meningo-encefalitis en meningomyelitis, niet elders gespecificeerd

G04.2

Meningokokkemie of meningokokkensepsis: ICD-9 code 036.2 en ICD-10 codes A39.2, A39.3 en A39.4

Naar boven


Beloop

Bacteriële hersenvliesontsteking leidt meestal tot ziekenhuisopname

De ontstaanstijd van bacteriële hersenvliesontsteking varieert van enkele uren tot enkele dagen. Patiënten met een bacteriële hersenvliesontsteking moeten over het algemeen in het ziekenhuis worden opgenomen, een tot vijf dagen na het begin van de ziekte. Hun toestand is eerst vaak matig tot slecht. Een meningokokkeninfectie kan gepaard gaan met erg veel zich delende bacteriën in het bloed (sepsis). Deze sepsis kan zo heftig zijn dat de patiënt binnen 12 uur na het begin van de ziekte sterft door zeer snel verergerende, onbehandelbare shock (syndroom van Waterhouse-Friderichsen). Sommige patiënten krijgen, soms blijvende, neurologische complicaties, bijvoorbeeld: gehoorstoornis, stuipen, hersenzenuwuitval of een waterhoofd (hydrocephalus). Virale hersenvliesontsteking verloopt milder. Niet alle patiënten hoeven in het ziekenhuis te worden opgenomen en de prognose is goed.

Sterftekans bij hersenvliesontsteking afhankelijk van de verwekker

Sterfte bij meningitis is afhankelijk van de verwekker. De sterftekans is lager bij virale hersenvliesontsteking dan bij bacteriële hersenvliesontsteking. Voor patiënten met bacteriële hersenvliesontsteking is de prognose het slechtst wanneer deze wordt veroorzaakt door pneumokokken. De sterftekans bij bacteriële hersenvliesontsteking door Haemophilus influenzae is kleiner. Circa 25% van de patiënten met bacteriële hersenvliesontsteking houdt er blijvende restverschijnselen aan over (meestal een gehoorstoornis).

Beloop sterk verbeterd door introductie van antibiotica

Zonder behandeling is bacteriële meningitis in zeker 80% van de gevallen letaal. De introductie van anti-microbiële middelen kort na de Tweede Wereldoorlog betekende dan ook een enorme vooruitgang. Daarna is de sterfte niet verder gedaald. Dit komt niet zozeer door onvoldoende werkzaamheid van de beschikbare antibiotica, maar doordat bacteriële hersenvliesontsteking vaak voorkomt bij kwetsbare populaties zoals baby’s, ouderen en mensen met een verminderde weerstand. Daarnaast lijken de afweerprocessen die zich binnen de patiënt afspelen een grote rol te spelen bij het bepalen van de uiteindelijke afloop. Deze processen zijn grotendeels onafhankelijk van het toegediende antibioticum. Zie verder Interne link naar documentWelke factoren beïnvloeden de kans op hersenvliesontsteking?

Geen veranderingen in beloop van hersenvliesontsteking verwacht

In de ziektestadia en het beloop van hersenvliesontsteking zijn geen veranderingen opgetreden in de laatste jaren. Veranderingen daarin worden ook niet verwacht.

.

Bronnen en Literatuur

Literatuur

  • Alphen L van, Spanjaard L van der, Ende A, Schuurman I, Dankert J.Effect of nationwide vaccination of 3-month-old infants in The Netherlands with conjugate Haemophilus influenzae type b vaccine: high efficacy and lack of herd immunity. J Pediatr 1997; 131: 869-73.
  • Dankert J, Ende A van der, Spanjaard L. Meningokokkenziekte in Nederland in de afgelopen vijf jaren, 1996 - 2000. Infectieziekten Bulletin2001; 12: 251-5.
  • Mulder CJJ.Neonatal meningitis in the Netherlands [thesis]. Amsterdam: Universiteit van Amsterdam, 1984.

Begrippen en afkortingen

Afkortingen

ICD
International Classification of Diseases
Internationale classificatie van ziekten.
Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 4.7, 22 maart 2012
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.