U bevindt zich op:Nationaal Kompas Volksgezondheid›Gezondheid en ziekte›Ziekten en aandoeningen›Huid en subcutis›Constitutioneel eczeem›
De prevalentie- en incidentiecijfers op basis van afzonderlijke huisartsenregistraties verschillen vaak aanzienlijk. Het kan betekenen dat het aantal zieken in de praktijkpopulaties ook daadwerkelijk verschilt. Maar het kan ook deels een gevolg zijn van verschillen in de algemene werkwijze van de registraties en in de manier van berekenen van de prevalentie- en incidentiecijfers. Bovendien kunnen registraties voor bepaalde ziekten specifieke (al dan niet vastgelegde) regels hanteren. Daarom zijn hieronder de kenmerken van constitutioneel eczeem beschreven, die van invloed zijn op de wijze waarop huisartsen deze ziekte registreren. Ook zijn de specifieke regels voor het vastleggen van constitutioneel eczeem per afzonderlijke huisartsenregistraties weergegeven.
Constitutioneel eczeem is chronische ontsteking van de huid. Het maakt deel uit van een overgevoeligheidssyndroom dat naast constitutioneel eczeem bestaat uit allergische astma en hooikoorts (allergische rhinitis). Deze drie ziektebeelden hangen nauw met elkaar samen en worden de atopische ziekten genoemd. Constitutioneel eczeem is een chronische ziekte die na de kinderleeftijd sterk in ernst kan afnemen.
De zorg is vaak beperkt tot zorg door de huisarts, maar bij ernstigere klachten is de dermatoloog of allergoloog de hoofdbehandelaar. De huisarts wordt (als het goed is) wel door de specialist op de hoogte gehouden van de behandeling. Soms bestaat het contact tussen huisarts en patiënt enkel uit het voorschrijven van (herhaal)recepten.
Hieronder worden enkele specifieke regels vermeld die de registraties hanteren bij het vastleggen van constitutioneel eczeem. Door in tabel 1 op de betreffende registratie te klikken, verschijnt er een link naar een document met algemene gegevens over de registraties.
De prevalentie- en incidentiecijfers zijn weergegeven in onderstaande tabel. Het betreft informatie die medio 2005 beschikbaar was. De Kompas-schattingen zijn gemiddelden van meerdere registraties of ze zijn gebaseerd op een enkele registratie. Voor de keuze van de registraties, zie Achtergrond bij keuze van huisartsenregistraties voor incidentie- en prevalentieschatting.
Bij de CMR-Nijmegen is gebruik gemaakt van de E-code 3790. Bij de andere registraties is de ICPC-code S87 gebruikt.
Tabel 1: Jaarprevalentie (per 1.000 en absoluut) en incidentie (per 1.000 per jaar en absoluut) van constitutioneel eczeem (patiënten) in vijf huisartsenregistraties; gestandaardiseerd naar de bevolking van Nederland in 2003.
Jaarprevalentie
Incidentie
mannen
vrouwen
CMR-Nijmegen e.o.
22,50
27,62
6,10
6,00
LINH
15,21
16,82
5,53
6,25
RNH (probleemlijst)
31,31
33,44
1,20
1,15
RNUH-LEO (contactregistratie)
13,81
17,01
9,15
11,01
RNUH-LEO (probleemlijst)
13,34
16,30
0,53
0,27
Transitieproject
15,52
14,92
5,35
4,75
Kompas-schatting relatief (a)
Kompas-schatting absoluut (a)
122.200
137.900
44.400
51.200
a) Bij de huidige Kompas-schatting is voor zowel de prevalentie als de incidentie uitgegaan van het LINH.
Prevalentie en incidentie naar leeftijd en geslacht