Osteoporose

De ziekte, de determinanten en de zorg voor de patiënt

Welke factoren beïnvloeden de kans op osteoporose?

Gebrek aan calcium en vitamine D verhoogt kans op osteoporose

Er zijn verscheidene factoren die de aanmaak en afbraak van het bot beïnvloeden (zie tabel 1). Osteoporose komt het meest voor bij vrouwen na de overgang, als gevolg van een afname van de oestrogeenspiegels. Een gebrek aan calcium, al dan niet in combinatie met een gebrek aan vitamine D verhoogt de kans op osteoporose. Een gebrek aan vitamine D komt zeer vaak voor bij ouderen en allochtonen, onder andere als gevolg van verminderde blootstelling aan zonlicht. Voldoende lichaamsbeweging, stoppen met roken en gezonde voeding dragen bij aan de preventie van osteoporose (zie ook: Preventie gericht op osteoporose)

Zie ook de onderwerpen: Lichamelijke activiteit, Roken, Voeding.

Kans op osteoporose deels af te leiden uit fractuurrisico

Hoezeer een factor het risico op osteoporose beïnvloedt is deels af te leiden uit de mate waarin die factor het fractuurrisico verhoogt. Een fractuur is immers een mogelijk gevolg van osteoporose (zie ook: Wat is osteoporose en wat is het beloop?). Zo is het risico op het krijgen van een nieuwe fractuur vier keer zo groot als iemand al een bestaande wervelfractuur heeft.

Mensen met een slechte mobiliteit en geringe activiteit hebben ongeveer twee keer zo veel kans op een fractuur als mensen met een gemiddeld activiteitsniveau (Law et al., 1991b). Ook het gebruik van corticosteroïden, een lichaamsgewicht van minder dan 60 kilo en een eerdere fractuur (opgelopen voor het vijftigste levensjaar) verdubbelen het fractuurrisico (CBO, 2002a). Behalve deze factoren zijn ook het vrouw-zijn en de leeftijd belangrijke voorspellers van het fractuurrisico. Hoe ouder iemand is, hoe groter de kans op een fractuur.

Tabel 1: Factoren die de aanmaak en afbraak van bot beïnvloeden (Cummings et al., 1985; Gezondheidsraad, 1991a; CBO, 2002a).

  • Erfelijke aanleg
  • Kleine en tengere gestalte
  • Laag lichaamsgewicht
  • Vrouwelijk geslacht
  • Hogere leeftijd
  • Langdurig verlaagde bloedspiegels van geslachtshormonen
  • Gebrek aan lichaamsbeweging
  • Langdurige bedrust
  • Voedingstekorten
  • Onvoldoende blootstelling aan zonlicht
  • Hoge sigaretten- en of alcoholconsumptie
  • Bepaalde hormonale ziekten en andere ziekten die de calcium- en botstofwisseling beïnvloeden

Nog geen hoog-risico genen gevonden voor osteoporose

De aanleg voor osteoporose is deels genetisch bepaald. Het voorkomen van osteoporose in de familie wordt als één van de belangrijkste risicofactoren gezien. Tot nog toe zijn er echter geen hoog-risico genen gevonden die de aan- of afwezigheid van osteoporose voorspellen. Er is wel samenhang aangetoond tussen de aanwezigheid van risicofactoren voor osteoporose enerzijds en veel voorkomende genmutaties (polymorfismen) anderzijds, in genen die betrokken zijn bij de bepaling van botgroei, -ontwikkeling, -dichtheid en -afbraak en de mate van fractuurrisico (bijvoorbeeld ESR1, OPG/TNFRSF11B, RANKL/TNFSF11, COL1A1, LRP5, VDR, ZBTB-WNT-4, HLA-regio).

De prevalentie in de bevolking van veel van deze genmutaties ligt tussen de 15-45%. Voor de genmutaties geldt dat zij elk slechts een klein deel aan variantie in botdichtheid en fractuurrisico verklaren (Richards et al., 2008; Styrkarsdottir et al., 2008; Ioannidis et al., 2004; Ralston et al., 2006; Uitterlinden et al., 2006; Van Meurs et al., 2008).

bronnenboekje Bronnen
Afbeelding van een referentieboekje

Bronnen

Popup afsluiten

Literatuur

  • CBO, Kwaliteitsinstituut voor de Gezondheidszorg. Osteoporose: Tweede Herziene Richtlijn. Utrecht: CBO, 2002a.
  • Cummings SR, Kelsey JL, Nevitt MC, O'Dowd KJ. Epidemiology of osteoporosis and osteoporotic fractures. Epidemiol Rev 1985; 7: 178-205.
  • Gezondheidsraad. Preventie van osteoporose. Den Haag: Gezondheidsraad, 1991a.
  • Ioannidis JP, Ralston SH, Bennett ST, Brandi ML, Grinberg D, Karassa FB, et al. Differential genetic effects of ESR1 gene polymorphisms on osteoporosis outcomes. JAMA, 2004 ; 292(17): 2105-2114.
  • Law MR, Wald NJ, Meade TW. Strategies for prevention of osteoporosis and hip fracture. BMJ 1991b; 303: 453-9.
  • Ralston SH, Uitterlinden AG, Brandi ML, Balcells S, Langdahl BL, Lips P, et al. Large-scale evidence for the effect of the COLIA1 Sp1 polymorphism on osteoporosis outcomes: the GENOMOS study. PLoS Medicine, 2006 ; 3(4): e90.
  • Richards JB, Rivadeneira F, Inouye M, Pastinen TM, Soranzo N, Wilson SG, et al. Genome-Wide Association Study Reveals Genetic Variants Associated with Bone Mineral Density, Osteoporosis and Osteoporotic Fractures. The Lancet, 2008; 371: 1505-1512.
  • Styrkarsdottir U, Halldorsson BV, Gretarsdottir S, Gudbjartsson DF, Walters GB, Ingvarsson T, et al. Multiple genetic loci for bone mineral density and fractures. New England Journal of Medicine, 2008 ; 358(22): 2355-2365.
  • Uitterlinden AG, Ralston SH, Brandi ML, Carey AH, Grinberg D, Langdahl BL, et al. The association between common vitamin D receptor gene variations and osteoporosis: a participant-level meta-analysis. Annals of Internal Medicine, 2006 ; 145(4): 255-264.
  • Van Meurs JB, Trikalinos TA, Ralston SH, Balcells S, Brandi ML, Brixen K, et al. Large-scale analysis of association between LRP5 and LRP6 variants and osteoporosis. JAMA, 2008 ; 299(11): 1277-1290.
Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 3.22, 24 juni 2010
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.

Afdrukken