Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Nationaal Kompas Volksgezondheid
Osteoporose
Geografische verschillen

Osteoporose: Zijn er verschillen tussen Nederland en andere landen?

Incidentie en prevalentie

Het vóórkomen van osteoporose verschilt aanzienlijk tussen Europese landen

Er bestaat een aanzienlijke variatie in het voorkomen van osteoporose (gemeten als de prevalentie van matige en ernstige werveldeformatie). De prevalentie is het hoogst in Scandinavische landen en het laagst in Oost-Europa (zie tabel 1). Het Middellandse Zeegebied en West-Europa zitten daar met ongeveer gelijke prevalenties tussenin. Opvallend is dat het verschil in prevalentie tussen mannen en vrouwen in de meeste landen klein is. Onder de 65 jaar is de prevalentie onder mannen zelfs hoger dan onder vrouwen. Dit blijkt uit de 'European Vertebral Osteoporosis Study’ (EVOS) waarbij de prevalentie van matige en ernstige werveldeformatie in negentien Europese landen is vergeleken (O'Neill et al., 1996). Voor Nederland zijn de cijfers afkomstig van het ERGO-onderzoek. In alle landen is op dezelfde gestandaardiseerde manier de botmeting verricht.

Ook wervelinzakkingen komen het meest voor in Scandinavië

Uit gegevens van de 'European Prospective Osteoporosis Study' (EPOS) blijkt dat voor zowel mannen als vrouwen ook de incidentie van wervelinzakkingen het hoogst is in Scandinavië (zie tabel 2). Bij mannen is de incidentie het laagst in Zuid- en Oost-Europa. West-Europa neemt een middenpositie in. Opvallend is, dat met uitzondering van Scandinavië, voor vrouwen de incidentie van wervelinzakkingen in heel Europa op een vergelijkbaar niveau ligt (EPOS, 2002).

Wereldwijd komen osteoporotische fracturen het meest voor in Europa

Wereldwijd komen osteoporotische fracturen het meest voor in Europa (Johnell & Kanis, 2006). In 2000 vond 34,8% van alle fracturen plaats in Europa, vergeleken met bijvoorbeeld 15,7% in de Verenigde Staten en Canada en 28,6% in de West-Pacifische regio, waaronder Australië en Japan. De ziektelast in Europa als gevolg van dit soort fracturen is daarmee hoger dan de ziektelast die veroorzaakt wordt door veel voorkomende soorten van kanker, behalve longkanker (Johnell & Kanis, 2006).

Verschillen in determinanten mogelijke verklaring prevalentieverschillen

Internationale prevalentieverschillen zouden verklaard kunnen worden door verschillen in genetische factoren, medicijngebruik, voeding, lichaamsbeweging, tabak- of alcoholgebruik en door mogelijke interactie tussen deze factoren (zie: Osteoporose; Welke factoren beïnvloeden de kans op osteoporose?).

Zie ook: Heupfractuur; Zijn er verschillen tussen Nederland en andere landen?

In Nederland grootste stijging van wervelfracturen verwacht

Nederland zal in de eenentwintigste eeuw als gevolg van vergrijzing te kampen krijgen met de grootste absolute stijging van het aantal wervelfracturen van alle lidstaten van de EU (EC, 1999).

Zweden en het Verenigd Koninkrijk kennen beide een hoge incidentie van osteoporotische fracturen, maar omdat de vergrijzing in deze landen minder hard zal toeslaan, zullen stijgingen in incidentie waarschijnlijk meevallen.

Tabel 1: Prevalentie van matige en ernstige werveldeformatie onder 50-79 jarigen in een aantal Europese regio’s; gestandaardiseerd naar de Europese bevolking (O'Neill et al., 1996).

Prevalentie (per 1.000)

mannen

vrouwen

Scandinavië

242

258

Rotterdam

231

219

Middellandse Zee-gebied

216

226

West-Europa

206

192

Oost-Europa

180

184

Tabel 2: Incidentie van matige en ernstige werveldeformaties onder 55-79 jarigen in een aantal Europese regio's gestandaardiseerd naar de leeftijdsverdeling van de Europese populatie (EPOS, 2002).

Incidentie (per 1.000 persoonsjaren)

mannen

vrouwen

Scandinavië

7,3

17,7

West-Europa

6,4

10,2

Oost-Europa

4,3

9,2

Zuid-Europa

3,6

10,2

.

Bronnen en Literatuur

Bronnen

Literatuur

  • EC, European Commission.Rapport over osteoporose in de Europese Gemeenschap, Preventief handelen. Luxemburg: Bureau voor officiële publicaties der Europese Gemeenschappen, 1999.
  • EPOS, The European Prospective Osteoporosis Study Group.Incidence of vertebral fracture in Europe: results from the European Prospective Osteoporosis Study (EPOS). Journal of Bone and Mineral Research 2002; 17(4): 716-724.
  • Johnell O, Kanis JA.An estimate of the worldwide prevalence and disability associated with osteoporotic fractures. Osteoporos Int, 2006; 17: 1726-1733.
  • O'Neill TW, Felsenberg D, Varlow J, Cooper C, Kanis JA, Silman AJ.The prevalence of vertebral deformity in European men and women: the European vertebral osteoporosis study. J Bone Miner Res 1996; 11: 1010-1018.

Begrippen en afkortingen

Afkortingen

EU
Europese unie

Definities

Incidentie
Het aantal nieuwe gevallen van of nieuwe personen met een bepaalde ziekte in een bepaalde periode, absoluut of relatief.
Prevalentie
Het aantal gevallen of personen met een bepaalde ziekte op een bepaald moment (punt-prevalentie) of in een bepaalde periode, bijvoorbeeld per jaar (periode-prevalentie), absoluut of relatief.
Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 4.7, 22 maart 2012
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.