Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Nationaal Kompas Volksgezondheid
Sterfte
Geografische verschillen

Sterfte: Zijn er verschillen tussen Nederland en andere landen?

Totale sterfte Leeftijdspecifieke sterfte Trends in sterfte Interactieve trendgrafieken

Totale sterfte

Totale sterfte voor mannen in Nederland in verhouding redelijk gunstig

De gestandaardiseerde sterfte in 2009 is in Nederland voor mannen bijna gelijk aan het gemiddelde in de EU-15, maar wel lager dan de gemiddelde sterfte in de EU-27. Dit komt doordat de sterfte in de nieuwere EU-landen veel groter is dan in de oude EU-landen (EU-15). De meest gunstige sterfte in de EU-27 voor mannen vinden we in Zweden (zie figuur 1).

Sterfte voor vrouwen in Nederland in de middenmoot van de EU

De Nederlandse vrouwen horen wat betreft de totale sterfte in de EU-27 bij de middenmoot. De gestandaardiseerde sterfte in 2009 voor Nederlandse vrouwen ligt iets onder het gemiddelde van de EU-27 en net wat boven het gemiddelde van de EU-15. Ook voor vrouwen zien we dat de sterfte in de nieuwe EU-landen beduidend ongunstiger is dan in de oude EU-landen (EU-15). De sterfte is het gunstigst in Frankrijk, Spanje en Italië (zie figuur 2).

Zie ook:

Voor mediterrane landen is de totale sterfte relatief laag

In de mediterrane landen Italië, Spanje en Frankrijk is de totale sterfte relatief laag. Dit wordt deels toegeschreven aan het mediterrane voedingspatroon. Dat bevat minder verzadigde vetten en meer groenten en fruit dan de voeding in noordelijkere landen (Naska et al., 2009; Trichopoulos & Lagiou, 2004; Hu, 2003). Ook het rookgedrag in het verleden speelt een belangrijke rol. In Noord-Europa werd eerder dan in het zuiden op grote schaal gerookt. Roken veroorzaakt ook het verschil in sterfte tussen mannen en vrouwen. Gemiddeld is de totale sterfte onder mannen ongeveer anderhalf keer zo hoog als onder vrouwen (zie ook: Roken: Zijn er verschillen tussen Nederland en andere Europese landen? ). Het verschil in sterfte tussen de mediterrane landen en noordelijkere landen is de afgelopen 25 jaar echter afgenomen. Mogelijk komt dit (mede) doordat mensen in mediterrane landen op een meer Noord-Europees voedingspatroon zijn overgegaan (Trichopoulos & Lagiou, 2004).

Figuur 1: EU-27 a landen met de hoogste en de laagste totale sterfte (per 100.000) in 2009, bij mannen; gestandaardiseerd naar de Europese bevolking (Bron: WHO Mortality database, 2011).

EU-27  landen met de hoogste en de laagste totale sterfte (per 100.000) in 2009, bij mannen

Figuur 2: EU-27 a landen met de hoogste en de laagste totale sterfte (per 100.000) in 2009, bij vrouwen; gestandaardiseerd naar de Europese bevolking (Bron: WHO Mortality database, 2011).

EU-27  landen met de hoogste en de laagste totale sterfte (per 100.000) in 2009, bij vrouwen

Naar boven


Leeftijdspecifieke sterfte

Sterfte Nederlandse mannen op bijna alle leeftijden lager dan gemiddeld

De sterfte onder Nederlandse mannen is op bijna alle leeftijden lager dan het EU-15 gemiddelde. Alleen onder de hoogste leeftijdsklasse (75 jaar en ouder) is de sterfte hoger dan het EU-gemiddelde (zie figuur 3).

In voormalige Oostbloklanden, zoals Letland, Bulgarije en Polen is de sterfte met name in de leeftijd van 30 tot 70 jaar en in de jongste leeftijdsklassen hoog.

Leeftijdspecifieke sterfte Nederlandse vrouwen rond het gemiddelde

Nederlandse vrouwen laten voor de leeftijdspecifieke sterfte een kleinere afwijking zien ten opzichte van het EU-15 gemiddelde dan mannen (zie figuur 4). Vanaf de leeftijd van ongeveer 40 jaar is de sterfte onder Nederlandse vrouwen hoger dan in veel andere EU-landen. In deze hogere leeftijdsklassen zijn vooral de Franse, Italiaanse en Spaanse vrouwen beter af dan de gemiddelde vrouw in de EU.

Net als bij mannen is de leeftijdspecifieke sterfte bij vrouwen in de "nieuwe" EU-lidstaten hoger dan in de rest van de EU-27.

Figuur 3: Leeftijdspecifieke sterfte in een aantal EU-landen voor mannen in 2008. Het EU-15 gemiddelde is gelijkgesteld aan 1 (Bron: Eurostat, 2011).

Leeftijdspecifieke sterfte in een aantal EU-landen voor mannen in 2008

Figuur 4: Leeftijdspecifieke sterfte in een aantal EU-landen voor vrouwen in 2008. Het EU-15 gemiddelde is gelijkgesteld aan 1 (Bron: Eurostat, 2011).

Leeftijdspecifieke sterfte in een aantal EU-landen voor vrouwen in 2008

Naar boven


Trends in sterfte

Nederland was gunstige positie kwijt, maar krabbelt weer op

Tot begin jaren tachtig daalde de sterfte bij zowel Nederlandse mannen als Nederlandse vrouwen. Bij Nederlandse mannen daalde de sterfte tussen 1980 en 2003 nog steeds, zij het wat minder snel dan gemiddeld in de EU-15 (zie figuur 5). Gedurende deze periode verruilden zowel Nederlandse mannen als vrouwen hun gunstige internationale positie voor een minder gunstige. In Portugal en het Verenigd Koninkrijk daalde vooral de sterfte onder mannen sterk. In de periode 2003-2009 is de sterfte onder Nederlandse mannen weer op het niveau van het EU-15 gemiddelde (zie figuur 5).

Sterfte onder Nederlandse vrouwen blijft boven EU-15 gemiddelde

Bij vrouwen zijn de trends in bijna alle EU-landen dalend. Ook in Nederland is in de periode 2003-2009 weer een daling te zien. Eind jaren tachtig trad een stagnatie op in de dalende sterfte bij Nederlandse vrouwen. Terwijl in landen als Frankrijk en Spanje de sterfte bij vrouwen nog verder daalde, kwam het Nederlandse sterftecijfer midden jaren negentig boven het EU-15 gemiddelde uit en raakte het begin deze eeuw zelfs aan het EU-27 gemiddelde. De sterfte van Nederlandse vrouwen ligt in 2009 nog steeds boven het EU-15 gemiddelde, maar de trend is wel weer duidelijk dalend (zie figuur 6).

Naar boven


Interactieve trendgrafieken

In onderstaande grafieken kunt u zelf landen selecteren, een land uitlichten (highlight), de tijdslijn aanpassen en de onderliggende gegevens exporteren naar een bestand om verder te bewerken. Klik hiervoor op 'Selecteer en exporteer data'.

Figuur 5: Trends in totale sterfte in de EU-27 voor mannen in de periode 1970-2009; gestandaardiseerd naar de Europese bevolking (Bron: WHO Mortality database, 2011).

Totale sterfte per 100.000, mannen

Reeks filter:































Figuur 6: Trends in totale sterfte in EU-27 voor vrouwen in de periode 1970-2009; gestandaardiseerd naar de Europese bevolking (Bron: WHO Mortality database, 2011).

Totale sterfte per 100.000, vrouwen

Reeks filter:






























Naar boven

.

Bronnen en Literatuur

Bronnen

Literatuur

  • Hu FB.The Mediterranean diet and mortality--olive oil and beyond. N Engl J Med, 2003; 348(26): 2595-6.
  • Naska A, Berg MA, Cuadrado C, Freisling H, Gedrich K, Gregoric M, Kelleher C, Leskova E, Nelson M, Pace L, Remaut AM, Rodrigues S, Sekula W, Sjostrom M, Trygg K, Turrini A, Volatier JL, Zajkas G, Trichopoulou A.Food balance sheet and household budget survey dietary data and mortality patterns in Europe. Br J Nutr 2009; 102(1): 166-71
  • Trichopoulos D, Lagiou P.Mediterranean diet and overall mortality differences in the European Union. Public Health Nutr, 2004; 7(7): 949-51.

Begrippen en afkortingen

Afkortingen

EU-15
De 15 landen die vóór 1 april 2004 de Europese Unie vormden
België, Denemarken, Duitsland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Ierland, Italië, Luxemburg, Nederland, Oostenrijk, Portugal, Spanje, Verenigd Koninkrijk, Zweden.
EU-27
De 27 landen die vanaf 1 januari 2007 de Europese Unie vormen.
België, Bulgarije, Cyprus, Denemarken, Duitsland, Estland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Hongarije, Ierland, Italië, Letland, Litouwen, Luxemburg, Malta, Nederland, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Slovenië, Slowakije, Spanje, Tsjechië, Verenigd Koninkrijk, Zweden.

Definities

Standaardisatie
Het vergelijkbaar maken van cijfers (bijvoorbeeld sterftecijfers) die betrekking hebben op verschillende jaren of populaties, door rekening te houden met verschillen in bijvoorbeeld leeftijdsverdeling. Een veel gebruikte methode is zogenaamde 'directe standaardisatie', die de leeftijdsspecifieke cijfers van een populatie (de 'indexpopulatie') toepast op de leeftijdsverdeling van een gekozen 'standaardpopulatie'.
Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 4.7, 22 maart 2012
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.