Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Nationaal Kompas Volksgezondheid
Sociaaleconomische gezondheidsverschillen
Sociaaleconomische status

Wat is sociaaleconomische status?

Sociaaleconomische status bepaald door verdeling kennis, arbeid en bezit

De sociaaleconomische status staat voor de positie van mensen in de sociale stratificatie met het daaraan verbonden aanzien en prestige. Sociale stratificatie, ook wel sociale gelaagdheid of maatschappelijke ongelijkheid genoemd, ontstaat doordat hulpbronnen zoals kennis, arbeid en bezit ongelijk verdeeld zijn over mensen. Naarmate mensen over meer of minder van deze hulpbronnen beschikken, nemen zij een hogere of lagere positie in de maatschappij in. Mensen die over meer hulpbronnen beschikken, genieten meer aanzien dan mensen met minder hulpbronnen.

Niet één beste maat voor sociaaleconomische status

Sociaaleconomische status is een niet te observeren concept. Omdat sociaaleconomische status niet op een directe manier gemeten kan worden, gebruiken onderzoekers vaak een aantal indicatoren voor sociaaleconomische status. Belangrijke indicatoren voor sociaaleconomische status zijn opleidingsniveau, beroepsstatus en hoogte van het inkomen (Winkleby et al., 1992; Van Berkel-van Schaik & Tax, 1990). De drie indicatoren hebben alle drie ten doel het bepalen van de positie van mensen in de sociale stratificatie die loopt van ‘laag’ naar ‘hoog’. Er bestaat niet één beste maat voor sociaaleconomische status (Macintyre et al., 2003; Geyer et al., 2006; Braveman et al., 2005; Galobardes et al., 2006; Lahelma et al., 2004).

Sociaaleconomische status heeft verschillende dimensies

Sociaaleconomische status bestaat uit verschillende dimensies. De sociologen Bourdieu (1986) en Coleman (1990) zagen sociaaleconomische status als een functie van drie aspecten: 1) materiële omstandigheden, 2) vaardigheden, capaciteiten en kennis en 3) het sociale netwerk en de status en macht van mensen in dat netwerk. Elk van de indicatoren meet in meer of mindere mate een deel van de dimensies van sociaaleconomische status. Wanneer in onderzoek gebruikgemaakt wordt van één indicator moet bedacht worden dat sociaaleconomische status slechts gedeeltelijk wordt gemeten.

In gezondheidsonderzoek opleidingsniveau meest gebruikte indicator

Het opleidingsniveau is in gezondheidsonderzoek de meest gebruikte indicator voor de hoogte van de sociaaleconomische status van mensen, bijvoorbeeld in onderzoek naar sociaaleconomische gezondheidsverschillen (SEGV). Bij opleiding gaat het vooral om culturele en intellectuele facetten van sociaaleconomische status. Een voordeel van opleiding boven inkomen en beroepsstatus is dat het niet moeilijk te meten is; in vragenlijstonderzoek krijgt de vraag over opleiding vaak een hoge respons. Een kanttekening bij het gebruik van opleiding als indicator voor sociaaleconomische status is dat de betekenis van opleidingsniveau verschilt tussen geboortecohorten. Door de stijging van het onderwijspeil is het opleidingniveau van ouderen en jongeren als indicator voor sociaaleconomische status niet goed vergelijkbaar.

Beroep weinig gebruikte indicator in gezondheidsonderzoek

In gezondheidsonderzoek is beroep een weinig gebruikte indicator voor sociaaleconomische status. Beroep meet vooral de facetten macht en prestige. Er zijn verschillende manieren om beroepen in te delen, bijvoorbeeld naar beroepsklassen of naar beroepsprestige. Een nadeel van beroep als indicator is dat het niet voor de totale bevolking een relevante indicator is voor sociaaleconomische status, aangezien niet iedereen een beroep heeft (gepensioneerden, huisvrouwen en -mannen, studenten en werklozen).

Inkomen als indicator in opmars

Inkomen als indicator voor sociaaleconomische status in gezondheidsonderzoek krijgt in Nederland steeds meer toepassing. Inkomen meet op directe wijze het materiële facet van sociaaleconomische status. Een nadeel van inkomen als indicator is dat het inkomen gedurende het leven flink kan fluctueren. Een vermindering van het inkomen kan de gezondheid vervolgens beïnvloeden, maar kan ook het effect zijn van een slechtere gezondheid. Inkomen zou bij ouderen een betere afspiegeling zijn van de sociaaleconomische status dan het opleidingsniveau. Omdat de opleidingskansen door de jaren heen zijn toegenomen, zijn ouderen gemiddeld lager opgeleid dan jongeren (Galobardes et al., 2006).

Bronnen en Literatuur

Literatuur

  • Berkel-van Schaik AB van, Tax B.Naar een standaardoperationalisatie van sociaal-economische status voor epidemiologisch en sociaal-medisch onderzoek. Den Haag: Ministerie van WVC, 1990.
  • Braveman PA, Cubbin C, Egerter S, Chideya S, Marchi KS, Metzler M, et al.Socioeconomic Status in Health Research. One Size Does Not Fit All. JAMA, 2005; (294): 2879-88.
  • Galobardes B, Shaw M, Lawlor DA, Lynch J, Davey Smith G.Indicators of socioeconomic position (part 1). J Epidemiol Community Health, 2006; (6): 7-12.
  • Geyer S, Hemstrom O, Peter R, Vagero D.Education, income, and occupational class cannot be used interchangeably in social epidemiology. J Epidemiol Community Health, 2006; (60): 804-10.
  • Lahelma E, Martikainen P, Laaksonen M, Aittomäki A.Pathways between socioeconomic determinants of health. J Epidemiol Community Health, 2004; (58): 327-332.
  • Macintyre S, McKay L, Der G.Socio-economic position and health: what you observe depends on how you measure it. Journal of Public Health Medicine, 2003; 25: 288-294.
  • Winkleby M, Jatulis DE, Frank E, Fortmann SP.Socioeconomic status and health: How education, income, and occupation contribute to risk factors for cardiovascular disease. American Journal of Public Health, 1992; (82): 816-820.
Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 4.2, 9 december 2010
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.