Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
Nationaal Kompas Volksgezondheid
Migratie
Heden, verleden en toekomst

Migratie: Wat is de huidige situatie?

Nederland heeft vestigingsoverschot

In 2010 vestigden zich ruim 154.000 personen vanuit het buitenland in Nederland. In tegengestelde richting vertrokken ruim 121.000 mensen uit Nederland naar het buitenland (inclusief saldo administratieve correcties) Als gevolg van migratie (immigratie en emigratie) vestigden zich dus per saldo ongeveer 33.000 mensen in Nederland. Nederland heeft hiermee een vestigingsoverschot, ofwel een positief migratiesaldo (totaal immigranten minus totaal emigranten). Het migratiesaldo lag in 2010 op 2,0 per 1.000 inwoners.

Meeste immigranten zijn geboren in Polen, Duitsland, voormalige Sovjet-Unie en China

De groep immigranten die in 2010 naar Nederland kwam, kenmerkte zich als volgt (CBS StatLine, 2011):

  • Bijna 30% van het aantal immigranten bestond uit Nederlanders zelf, die bijvoorbeeld terugkomen na emigratie.
  • Ongeveer 38% betrof personen die geboren zijn in een EU-land (exclusief Nederland).
  • Van alle immigranten was 34% geboren in een niet-westers land, ruim 47% in een westers land exclusief Nederland, en ruim 18% in Nederland.
  • De meeste immigranten die in 2010 naar Nederland kwamen, zijn geboren in Polen (12% van alle immigranten die buiten Nederland zijn geboren), Duitsland (ruim 7%), voormalige Sovjet-Unie (5%) en China (ruim 4%).

Meeste emigranten naar Duitsland en België, hoog positief migratiesaldo Polen, China en Somalië

Van alle emigranten die in 2010 uit Nederland vertrokken, gingen de meesten naar Duitsland en België, gevolgd door het Verenigd Koninkrijk, de Verenigde Staten en Polen. België was bovendien het land met het meest negatieve migratiesaldo (meer mensen uit Nederland vertrokken naar België dan vice versa). Van de westerse landen had Polen het hoogste positieve migratiesaldo (meer immigranten richting Nederland dan emigranten vanuit Nederland), gevolgd door Duitsland en Bulgarije. Van de niet-westerse landen hadden China en Somalië het hoogste positieve migratiesaldo.

Meeste migranten tussen de twintig en veertig jaar

Van alle immigranten was 61% in de leeftijd van twintig tot veertig jaar in 2010. De meeste van hen waren tussen de 20 en 25 jaar (zie figuur 1). In die leeftijdscategorie zijn er duidelijk meer vrouwen dan mannen (19.000 ten opzichte van 14.000) vergeleken met andere leeftijdscategoriën. In 2010 had 29% van de immigranten de Nederlandse nationaliteit. Dit zijn voor het grootste deel personen die na een verblijf in het buitenland naar Nederland terugkeren en Antillianen en Arubanen. Ook emigranten waren in 2010 voor een groot deel (57%) volwassenen in de leeftijd van twintig tot veertig jaar (zie figuur 2). Wel zijn emigranten over het algemeen iets ouder dan immigranten. Van de emigranten heeft bijna de helft (47%) de Nederlandse nationaliteit.

Immigratiemotieven verschillen per geboorteland

In 2009 waren de belangrijkste redenen voor immigratie, beginnend met de meest voorkomende reden:

  1. arbeid (36%, bijna 38.000)
  2. gezinshereniging of gezinsvorming (32%, 34.000)
  3. studie (13%, 14.000)
  4. asiel (9%, bijna 10.000)
  5. overig, bijvoorbeeld au-pair (9%, 9.000)

Bijna 30% van alle immigranten betreft personen met de Nederlandse nationaliteit, deze personen zijn niet meegenomen in bovenstaande percentages en aantallen.

Het immigratiemotief hangt samen met het geboorteland van de immigranten. Voor hen die in een EU-land zijn geboren, was arbeid de belangrijkste immigratiereden in 2009. Zij vormden 80% (ruim 30.000) van alle arbeidsmigranten. Polen, Duitsers en Bulgaren hadden daarin het grootste aandeel. Gezinsmigratie was de voornaamste reden voor immigranten geboren in traditionele migratielanden als Turkije en Marokko (De Bruin & Nicolaas, 2009). In 2009 was asielmigratie de belangrijkste factor voor landen als Somalië en Irak. Voor deze landen was gezinshereniging ook een belangrijk motief voor immigratie (CBS StatLine, 2011). Voor landen als India en voormalige Sovjet-Unie waren arbeid en gezinshereniging/-vorming bijna even belangrijke motieven. 'Studie' was de belangrijkste reden voor Chinezen om naar Nederland te komen.

Figuur 1: Percentage immigranten naar leeftijd en nationaliteit, 2010 (Bron: CBS Bevolkingsstatistiek).

Percentage immigranten naar leeftijd en nationaliteit, 2010

Figuur 2: Percentage emigranten naar leeftijd en nationaliteit, 2010 (Bron: CBS Bevolkingsstatistiek).

Percentage emigranten naar leeftijd en nationaliteit, 2010

Naar boven

.

Begrippen en afkortingen

Afkortingen

EU
Europese unie
voormalige Sovjet-Unie
Landen behorend tot de voormalige Sovjet-Unie:
Armenië, Azerbeidzjan, Estland, Georgië, Kazachstan, Kirgizië, Letland, Litouwen, Moldavië, Oekraïne, Oezbekistan, Rusland, Rusland (oud), Sovjet-Unie, Tadjikistan en Turkmenistan

Definities

Emigratie
Vertrek uit Nederland naar het buitenland.
Gezinshereniging
De komst van gezinsleden van personen (immigranten) die legaal in Nederland verblijven. Deze term wordt gebruikt in het kader van gezinsmigratie.
Gezinsvorming
Huwelijkssluiting van een immigrant die legaal in Nederland verblijft met een partner uit het land van herkomst. Deze term wordt gebruikt in het kader van gezinsmigratie.
Immigratie
Vestiging in Nederland vanuit het buitenland.
Saldo administratieve correcties
Administratieve opnemingen minus de administratieve afvoeringen uit de Gemeentelijke Basisadministratie persoonsgegevens. Administratieve opneming betreft veelal hervestiging van mensen die eerder administratief zijn afgevoerd en die de gemeente melden dat zij nooit uit Nederland zijn weggeweest. Het saldo kan worden opgevat als niet-gemelde emigratie.
Nationaal Kompas Volksgezondheid, versie 4.7, 22 maart 2012
© RIVM, Bilthoven / Disclaimer.