U bevindt zich op:Nationaal Kompas Volksgezondheid›Bevolking›Etniciteit›Etniciteit: Wat waren de belangrijkste ontwikkelingen in het verleden?
In 1900 telde Nederland ruim 50.000 inwoners met een andere dan de Nederlandse nationaliteit. Dat komt overeen met 1% van de totale bevolking (zie figuur 1). Het overgrote deel van de niet-Nederlanders bestond in die tijd uit Duitsers en Belgen. Met de komst van gastarbeiders rond 1970 en de daaropvolgende gezinsherenigende en gezinsvormende migratie kwam het aandeel niet-Nederlanders in 1990 iets boven de 4% te liggen. Daarna is het percentage niet-Nederlanders vrijwel constant gebleven.
In de jaren negentig bleef het percentage niet-Nederlanders vrijwel constant, ondanks de sterk opkomende asielmigratie. Dit komt door de vele naturalisaties die in de jaren negentig plaatsvonden. Veel Turken en Marokkanen verkregen in deze jaren de Nederlandse nationaliteit waardoor ze uit het bestand van niet-Nederlanders verdwenen. Mede hierdoor heeft nationaliteit als indicator voor ‘vreemdeling zijn’ sterk aan betekenis ingeboet (zie ook: Definitie en gegevens over etniciteit).
Tussen 2007 en 2009 is het aandeel niet-Nederlanders licht gestegen, onder andere door een toename van het aantal arbeidsmigranten, vooral uit andere EU-landen.
Het aantal allochtonen is sinds 1972 met 2,2 miljoen gegroeid (van 1,2 miljoen in 1972 tot 3,4 miljoen in 2010), terwijl de totale bevolking met 3,3 miljoen is gegroeid (van 13,3 miljoen tot 16,6 miljoen). Als gevolg hiervan is het aandeel van de allochtonen in de bevolking gestegen van 9% naar 20% (zie figuur 2). Deze groei is vooral een gevolg van de immigratieoverschotten (meer immigratie dan emigratie).
Overigens zijn de gegevens over het aantal allochtonen over de periode 1972-1996 een schatting uit demografische schattingsmodellen. Pas sinds 1996, toen de nieuwe definitie van allochtonen werd ingevoerd, zijn gegevens over allochtonen beschikbaar (zie ook: Definitie en gegevens over etniciteit).
Migratie: Wat waren de belangrijkste ontwikkelingen in het verleden?
Figuur 1: Niet-Nederlanders, absoluut aantal en als percentage van de totale Nederlandse bevolking, 1900-2010 (meetpunt: 1 januari) (Bron: CBS Bevolkingsstatistiek).
Figuur 2: Percentage (westerse en niet-westerse) allochtonen van de totale Nederlandse bevolking, 1972-2010 (meetpunt: 1 januari) (Bron: CBS Bevolkingsstatistiek).